Veertigdagentijd - Dag 8 - Op scherp

“En toen Hij de tempel was binnengegaan, begon Hij hen die daarin verkochten en kochten, eruit te drijven.” (Lukas 19:48) 

Jezus is onder heel veel gejuich de stad binnengehaald. Heel veel gejuich, palmtakken, hosannageroep en men dacht dat ze een nieuwe, aardse koning hadden. De hele stad staat op zijn kop, ondanks dat de Farizeeën niet bepaald blij waren met Jezus. Zij en de vijand waren veel te veel op elkaar betrokken. En natuurlijk, zij wilden dit niet, maar het volk begrijpt het niet. Alles bij elkaar is dit niet wat het lijkt te zijn. En dan gaat Jezus, tijdens Zijn kroningstocht, die nog moet beginnen door Zijn lijden, naar de tempel.

 

En wat komt Hij daar tegen in de tempel? Dat wist Hij natuurlijk al lang. Hij was al zo vaak in de tempel geweest en al die keren had Hij gezien wat daar gebeurde. De hogepriester Annas had er een goedlopende handel in offerdieren. Tegen alle geboden van God in en tegen alle regels van de offerdienst in, maar de handel liep heel goed. Woekerprijzen voor een offerdier, terwijl een Jood zelf een offerdier van huis moest meebrengen. Maar dat maakte Annas allemaal niet uit, hij had een prachtige religieuze handel bedacht en hij at er meer dan een goede boterham van. 

Maar nu is het moment dat Jezus, nu het er toch om gaat spannen, nu op dit moment dat Hij weet dat Zijn einde nabij is gekomen, juist op dit moment weet Hij dat het Zijn tijd is om ook in de tempel duidelijk te maken dat dit niet is waar het om gaat. Dit is niet wat de bedoeling is. Alles wat moest heenwijzen naar Zijn Eigen komst, dat was vertroebeld door alle wetten en regels, dat was bijna onzichtbaar geworden, ook door de handel op het tempelplein. 

Juist die plaats, die God als heilig had aangewezen, omdat daar de heenwijzingen naar Jezus zichtbaar moesten zijn in de tijd van het wachten op de Messias, juist die plaats was ontheiligd en de offers die heenwezen naar de Messias deden dat niet meer. Maar dan komt het Lam van God, vlak voor Zijn Eigen offer het tempelplein op en Hij veegt het hele plein leeg. Niets geen gekochte offers, niets geen verontreinigde offerdienst, hier staat het Lam van God in Eigen Persoon en Hij veegt de vloer aan met alles wat God niet had bedacht. 

Zelden was Jezus zo radicaal. Maar wat is Jezus ook duidelijk voor ons. Ook in onze kerken moet het gaat waar het over moet gaan. En wat gebeurt er in onze kerken aan dingen die niet die dingen zijn die God van ons vraagt. Jezus vraagt ook van ons om de kerk als een heilige plaats te houden, een plaats waar Jezus en Zijn Koninkrijk centraal moet staan en alles dat daar niets mee te maken heeft, veegt Jezus aan de kant. Wij zijn niet zoveel beter als het volk van toen, echt niet. Laten wij eens teruggaan naar de kerk zoals Jezus die wilde zien toen Hij de bediening van Zijn Koninkrijk op onze schouders legde en Hij naar de hemel ging. Dan is er een heleboel dat er echt niet toe doet, terug naar de basis van het Evangelie van het Koninkrijk en niets anders. 

Gebed: Heer, ook wij hebben er zoveel bij bedacht dat niet Uw gedachten waren. Helpt U ons om de dienst aan U zuiver te houden en oprecht en laat Uw Koninkrijk in de kerk van nu weer zichtbaar worden zoals U het heeft laten zien in wat U deed.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu