Timotheüs - Op elkaars schouders

"Vaar niet uit tegen een oude man, maar spoor hem aan als een vader, jonge mannen als broers, oude vrouwen als moeders, jonge vrouwen als zusters, in alle reinheid." (1 Timotheüs 5:1 en 2) 

Misschien herken je het wel, als je nog wat jonger bent, dat je soms zo geprikkeld kunt raken van ouderen in de gemeente, of ouderen om je heen omdat ze niet mee willen in de soms nogal stormachtige bewegingen van de jongere generatie. Vaak krijg je dan het gevoel dat de oudere generatie op de rem gaat staan en al snel zeggen dat de jongere generatie alleen maar verandering wil om te veranderen.

 

Ik geloof dat het bij veel jongeren helemaal niet alleen gaat om maar te veranderen, maar het gaat er vooral om dat ze vaak in passie voor Jezus in beweging komen. Toch weet Paulus wel waar Timotheüs dan tegenaan gaat lopen en daarom geeft hij toch ook op dit gebied nog wat aanwijzingen mee. Oude mannen en vrouwen moet je aansporen als vaders en als moeders. En wat is de taak van vaders en moeders? Niet om op de rem te trappen, maar ze moeten juist de kinderen ruimte geven om hun weg te zoeken met God. Zo werkt dat in het gezin, maar zo werkt het dus ook in de gemeente. 

Het lijkt alsof Paulus alleen Timotheüs en daarin de jongere generatie aanspreekt, dat ze wat meer geduld moeten hebben en meer begrip moeten opbrengen, maar als je er verder over doordenkt, kom je er achter dat het naar twee kanten werkt. Timotheüs moet hen immers aansporen als vaders en moeders. Ze moeten dus niets anders doen dan in hun rol blijven, de jongere generatie coachen, maar tegelijk ook durven toelaten dat de jongere generatie hun weg zoekt met God. Die zal altijd afwijken, want generaties verschillen nu eenmaal van elkaar. 

Blijf daarom op deze manier, als jongere generatie in gesprek met de oudere generatie. De ene generatie kan niet zonder de andere generatie. Besef dat je elkaar nodig hebt en besef dat de jongere generatie op de schouders mag staan van de oudere generatie. Zo bouwen we op elkaar verder aan Gods Koninkrijk. 

En hoe ga je dan met leeftijdsgenoten om, als jongere? De jonge mannen als broers en de jonge vrouwen als zussen. Eigenlijk is het beeld van de kerk, het beeld van een gezin. Eigenlijk is het Gods gezin en op die manier moeten we ook met elkaar omgaan. Daar is soms best wat geduld bij nodig en soms ook wat meer wijsheid. Laten de ouderen dan hun wijsheid inzetten, waar de jongeren met passie en vuur de kerk verder bouwen. Misschien moet ik aan de ouderen vragen of ze durven toe te laten dat de jongeren het gaan overnemen. En als we dat met elkaar en verbonden met elkaar doen, wat zal er dan een sterke kerk staan, die luistert naar Gods stem, elkaar weet te vinden, elkaars gaven gebruikt en met elkaar grote dingen van God verwacht.  

Gebed: Heer, Uw kerk bestaat uit generaties die van elkaar mogen leren. Dank U wel voor de vader en de moeders, maar ook voor de broers en zussen. Geef ons geduld met elkaar en help ons om Uw weg met de kerk van nu te vinden.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu