Daniël - God de ruimte geven om te zegenen

“Stel uw dienaren toch tien dagen op de proef, en laat men ons plantaardig voedsel geven, zodat wij dat eten, en water zodat we dat drinken.” (Daniël 1:12) 

Het is nogal wat, dat Daniël vraagt. Hij wil niets eten van de tafel van de koning. En als je beseft dat dit te maken heeft met het eten dat aan de god Bel is gewijd, wordt het wel duidelijker. Nu hebben wij, in onze tijd, geen letterlijke goden van hout en steen, maar de afgoden van onze tijd zijn veel meer onzichtbaar aanwezig. Wat heb jij er voor over om de afgoden van onze tijd niet te vereren? En welke gevolgen heeft dat?

 
Wil je een paar afgoden van onze tijd op een rijtje hebben? In ieder geval de afgod dat iedereen zelf mag beslissen wat goed is. Jij mag niet meer zeggen dat dingen niet goed zijn omdat God dit zegt. Maar ook de afgoderij rondom de seksuele moraal of de economie waar je alles voor moet doen. Als jij kiest om een niet fulltime te werken omdat je tijd en ruimte over wil houden om iets te doen voor Gods Koninkrijk of als je tijd wilt hebben voor je gezin, kijk even wat er gebeurd als je daar keuzes in maakt. In ieder geval is het financieel zo onaantrekkelijk gemaakt dat je er wel een paar keer goed over na moet denken.
 
Bij Daniël was de verering letterlijk zichtbaar. Voor een echt beeld kun je knielen, dat is bij ons minder, maar de invloeden zijn niet anders. En dan zegt Daniël dat hij het eten dat aan Bel is gewijd niet wil eten. Daarmee zet hij, hoe dan ook, de verhoudingen op scherp. Hij maakt direct duidelijk dat hij niet buigt voor de god Bel. Maar hij geeft God ook alle ruimte om te laten zien dat Zijn God de echte God is. En ik vind het van geloofsmoed en van lef getuigen wat Daniël dan doet.
 
Daniël stelt voor dat hij en zijn vrienden alleen maar plantaardig voedsel en water zullen drinken, tien dagen lang. Durf jij het aan om te zeggen dat als je God de ruimte geeft en Hem gehoorzaamt dat je er uiteindelijk gezonder van zult worden? Of misschien is het woord gezonder niet altijd het beste uitgedrukt, maar wel dat God je meer zal zegenen als je keuzes maakt waarin je Hem dient in plaats van de afgoden in onze tijd? Hoe dan ook zet Daniël ons op een bepaalde manier wel behoorlijk op scherp in zijn houding. Daniël was waarschijnlijk nog maar erg jong op het moment dat hij deze keuzes maakt en hij durft het aan met zijn God.
 
Tien dagen leeft hij, met zijn vrienden, op plantaardig voedsel en water en uiteindelijk blijkt dat God het zegent dat hij niet de afgoderij van Bel dient, maar alleen God. En dat betekent hier niet dat Daniël geen vlees zou mogen eten of dat wijn verboden is, maar wel het verband dat er lag met de afgoden. Soms zijn dingen in ons leven niet verboden. Geld verdienen is niet verkeerd, maar geld verdienen om meer en meer zekerheid te krijgen wel. Voel je het verschil dat Daniël ons hier laat zien?
 
Gebed: Heer, dank U wel voor een spiegel zoals Daniël die ons voorhoudt. En leert u ons het verschil zien tussen wat niet goed is omdat we onze afgoden zouden dienen, zodat wij zuiver zullen zijn in wat wij doen.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu