Grieks of Joods - Intro

“En Paulus, die midden op de Areopagus stond, zei: Mannen van Athene! Ik merk dat u in alle opzichten godsdienstig bent. Want toen ik de stad doorging en uw heiligdommen bekeek, trof ik ook een altaar aan waarop het opschrift stond: AAN DE ONBEKENDE GOD. Deze dan, Die u dient zonder dat u Hem kent, verkondig ik u.” (Handelingen 17:22 en 23) 

Ben je toe aan een stevige boodschap? Laat ik met een paar vragen beginnen. In de eerste plaats deze: In hoeverre is God voor jou bekend? Ik bedoel dit: Als Paulus het heeft over de onbekende God, tegen de Grieken, in hoeverre is God voor jou ook nog onbekend? En wellicht denk je nu van: “Nu moet je echt even stoppen”, maar ik stel deze vraag vandaag even heel bewust. En de tweede vraag die ik je zou willen stellen is deze: In hoeverre ben jij Grieks in je denken?

 

Deze vragen zijn gewaagd, maar ze zijn belangrijk! Ze zijn vooral belangrijk omdat God het Joodse volk tot Zijn volk maakte, toen er nog geen volk was en dit volk is op een manier gaan denken, vanaf haar oorsprong op een manier die absoluut niet Grieks was. We noemen dat Joods denken, maar dat is niet iets dat in het Joodse volk was toen God met dit volk ging optrekken, want toen God Abraham koos, was er helemaal nog geen volk en was Abraham nog een eenling. Het denken in het Oude Testament en ook het denken van Jezus is een totaal ander denken dan het Griekse denken. En vandaar mijn vraag in hoeverre jij en ik Grieks zijn in ons denken. 

Het Griekse denken kenmerkt zich, in tegenstelling tot het Joodse denken, door individualisme. Bij het Joodse denken gaat het om het collectief en om het onderdeel willen zijn van een groter geheel. Laten we eens kijken naar wat Paulus tegenkomt als hij op de Areopagus staat. Voordat hij op de berg was geklommen om de discussie met de Griekse wetenschappers en filosofen aan te gaan was hij door de stad gelopen. Wat hij daar was tegengekomen was opmerkelijk en schokkend tegelijk. De hele stad stond vol met tempels voor allerlei goden. Want stel je voor dat je een god zou vergeten en dat die god je niet zou geven wat jij nodig had? Of nog erger, dat er een god was die jou zou straffen omdat je hem vergat? En zo werden alle goden die je kon bedenken aanbeden. 

En stel dat je nu toch een god had die je nog niet kende, maar die er wel was, zelfs daar hadden ze een tempel voor gemaakt. De tempel voor de onbekende god. En het gekke van het verhaal is dat al die tempels volstonden met goden die zeer individualistisch waren voor allemaal mensen die vooral bezig waren om het voor zichzelf zo goed mogelijk op te lossen. Er was geen gemeenschappelijk geloof, alles was gericht op het inidividu. En dan komt Paulus ineens met een totaal andere boodschap: De boodschap van de God die zij niet kennen. De God die niet op Zichzelf betrokken is, maar Die op de totale mensheid betrokken is. De God Die verlangt door mensen gevonden te worden zodat ze in Hem mogen leven, in Hem bewegen en in Hem bestaan! De God Die niet op eigen gewin uit is, maar op de redding van de hele wereld, niet de enkeling, maar het geheel, zodat wij leren denken vanuit Zijn manier van denken. 

Gebed: Heer, dat Griekse denken zit diep in ons en ik wil U vragen om te laten zien hoe U denkt, zodat ook ik zal denken volgens Uw denken.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu