Handelingen 29 - Het Evangelie op de eerste prioriteit

“En Paulus bleef twee volle jaren in zijn eigen gehuurde woning, en ontving allen die naar hem toekwamen.” (Handelingen 28:30) 

Als het boek Handelingen niet stopt bij hoofdstuk 28, maar dat het daarna verder gaat met onze geschiedenissen als discipelen van Jezus Christus in deze wereld, dan is het wel erg makkelijk om te zeggen: “Jij bent Handelingen 29, succes”. Dat zou wel erg kort door de bocht zijn, want hoe geef je dat dan vorm? Om dat duidelijk te krijgen is het goed om even met Paulus mee te kijken wat hij deed, op het moment dat het boek Handelingen zo goed als dicht gaat. Als de laatste woorden geschreven worden van dit Bijbelboek, is Paulus volop aan het werk.

 

Zelfs terwijl hij gevangen zit, gaat hij wel gewoon door. Hij blijkt die ruimte ook te krijgen om dat te doen, maar het blijkt ook wel dat wat er ook gebeurt, Paulus door wil gaan met dat wat zijn roeping is die hij door Jezus had ontvangen. De roeping als apostel stopte niet op het moment dat de omstandigheden niet meer zo gunstig waren, maar in elke situatie wist Paulus dat het Koninkrijk van Jezus Christus verder de wereld in moest gaan. Paulus wist ook niet hoeveel hoofdstukken er nog zouden volgen. 

Paulus wist wel dat het Joodse volk uiteindelijk niet de eerste doelgroep meer zou zijn voor het Evangelie. Na hun afwijzing, heeft dat grote gevolgen gehad en toch ging Paulus, ook in Rome, nog een keer het gesprek aan. En eigenlijk zie je dan gebeuren wat er gebeurt als het Evangelie zijn werk doet. Het overtuigt sommigen wel, maar anderen ook niet. En als Paulus dan zegt dat de redding nu ten deel zal vallen aan de heidenen, dan rollen de Joden met elkaar over straat en zijn de verschillende partijen het niet eens met elkaar. De Joden gaan dan weg, ruziënd! 

Maar wat doet Paulus dan? Waar bestaat dan zijn roeping uit op dat moment? Iedereen die naar hem toekwam, die ontving hij. Zij die honger hebben naar de boodschap van Jezus Christus, die wijst hij niet af, maar die ontvangt hij. Ongetwijfeld hebben daar ook nog Joden bij gezeten die tot geloof waren gekomen. In ieder geval, als wij Handelingen 29 zijn, dan betekent het dat je in de eerste plaats open moet staan voor iedereen die naar je toe komt. Dat is ook een soort mond op mondreclame geweest. Degenen die geraakt werden door het Evangelie, namen ook weer anderen mee. 

De vraag is dan natuurlijk in de eerste plaats of jij bereidt bent om zo te dienen in deze wereld. Paulus had ook kunnen zeggen: Ik zit nu gevangen, ik stop ermee. Het Koninkrijk van Jezus heeft altijd de eerste prioriteit bij hem gehad, zelfs in de gevangenis. Onderdeel zijn van het boek Handelingen, of eigenlijk, onderdeel zijn van de gelovigen die geroepen worden om de kerk te bouwen, betekent in de eerste plaats dat de dienst aan het Evangelie absoluut de eerste prioriteit heeft, zelfs als je daarvoor je huis moet openstellen voor hen die met belangstelling komen. En pas als dat op orde is, kun je nadenken over wat de boodschap is die Paulus bleef brengen. 

Gebed: Heer, ik wil Uw Evangelie en Uw Koninkrijk op de eerste plaats zetten en doorschrijven aan de geschiedenis van Uw kerk op aarde.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu