Veertigdagentijd - Zondag 6 - Onschuldig

“Toen vroeg Pilatus Hem: U bent de Koning van de Joden? Hij antwoordde hem en zei: U zegt het. Pilatus zei tegen de overpriesters en de menigten: Ik vind geen schuld in deze Mens.” (Lukas 23:3 en 4) 

Er is ene persoon in het hele lijdensevangelie die we vaak heel negatief wegzetten en waarvan we heel snel een oordeel hebben, maar waarvan het de vraag is of dit oordeel heel terecht is. Sterker nog, waar wij hem vaak als een van de slechtsten neerzetten, maakt Jezus zijn zonden kleiner. We hebben het dan over Pilatus.

 

Wat Pilatus een loser? Was hij een slappeling? Misschien zou je dat zo kunnen zeggen, maar dan moeten we wel even eerst het hele verhaal vertellen hoe het echt was en bedenk dan dat jij op de plaats van Pilatus zou gestaan hebben en hoe jij zou gereageerd hebben. Pilatus was een man die niet bepaald te benijden was. De eerste confrontatie die hij echt krijgt is het moment dat de overpriesters Jezus hebben meegenomen na het zogenaamde verhoor bij het Sanhedrin. Daar was het oordeel geveld dat Jezus Zichzelf Gods Zoon heeft genoemd. En dat klopt, Hij is het ook! Maar dat werd tegelijk ook Zijn beschuldiging. 

En zo wordt Jezus bij Pilatus gebracht en de hele menigte was erbij. Honderden, misschien duizenden mensen die voor het bordes van het paleis stonden, in alle staten, schreeuwen en gillend. En waar de Joden geen eerlijk proces hadden gevoerd, begon Pilatus daar wel aan. Serieuzer dan wie ook in het hele proces. Hij neemt Jezus over, hij neemt Hem aan en ondervraagt Hem. En het oordeel dat eruit komt: Hij is onschuldig! 

En dan zal je maar Pilatus heten. Buiten het volk in rep en roer met maar één verlangen: Jezus moet dood! En zelf kwam hij tot de conclusie dat er geen schuld was te vinden in Jezus. En wat Pilatus ook probeert, het volk komt alleen maar meer in opstand en de onrust wordt alleen maar groter. De komende dagen zullen de wanhoop van Pilatus telkens zien terugkomen. En dat met een volk dat steeds meer en meer tekeer begint te gaan. Er was geen houden meer aan en de makkelijkste oplossing is dan om Jezus over te geven om gekruisigd te worden. Maar was dat echt voor Pilatus een makkelijke oplossing? Als je straks ziet hoe vaak hij Jezus probeert vrij te krijgen, was het zeker geen makkelijke oplossing voor hem en het was ook niet de eerste oplossing die hij bedacht. 

Je zou in zijn schoenen staan en je leven niet langer meer zeker zijn, terwijl je met die Joden eigenlijk niets hebt, en al helemaal niet met hun geloof. En toch was dit juist Gods weg met Jezus! Juist dit was nodig, zodat iemand die geen Jood was, maar gewone een seculiere Romein, zou zeggen dat Jezus zonder schuld was. Er was in Jezus geen schuld te vinden, zelfs niet als je Zijn leven legde langs het corrupte recht van Rome. Zelfs dan kon Pilatus niet zeggen dat hij iets van schuld gevonden had. Jezus was volkomen rechtvaardig en verdiende geen enkele straf en Pilatus bewijst het! Jezus werd alleen maar schuldig omdat Hij jouw en mijn schuld op Zich nam en Zich één maakte met jouw zondige leven. Zo nam Hij jouw plaats in. 

Gebed: Heer, U nam mijn plaats in, volkomen onschuldig! Ik dank U, Jezus, voor Uw offer, voor Uw leven, voor wat U deed voor mij.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu