Veertigdagentijd - Dag 25 - Het wonderlijke brood

“En Hij nam het brood en nadat Hij gedankt had, brak Hij het en gaf het aan hen met de woorden: Dit is Mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt. Doe dat tot Mijn gedachtenis.” (Lukas 22:19) 

We hebben gisteren het brood van het Avondmaal nog even overgeslagen, vanwege de wat aparte volgorde over de beker. Voor degenen onder ons die het oude traditionele Avondmaalsformulier nog kennen, als je goed leest staat daar bij het bedienen van de Tafel iets heel vreemds in. Daar wordt namelijk gesproken over het lichaam dat verbroken wordt tot een volkomen verzoening van al onze zonden. Als je echter de instellingswoorden van Jezus leest en vergelijkt, spreekt Jezus nergens over Zijn lichaam dat verzoenend verbroken wordt. Jezus zegt dit niet bij het breken van het brood.

 

Het brood is wel tot gedachtenis van Zijn lichaam. Jezus maakt dus Zijn bloed en Zijn lichaam los van elkaar. Het bloed is verzoenend, maar het lichaam dat verbroken wordt heeft een andere betekenis. Ooit maakte ik een genezingsdienst mee waar er plotseling Avondmaal werd gevierd en de spreker zei: “Ik geloof dat doordat we het Avondmaal vieren, er genezing zal komen in de zaal.” Ik vond dat eigenlijk wel heel apart, want om genezing bid je toch? 

Als je de profetie van Jesaja goed kent, dan weet je dat in hoofdstuk 53 de ziekten van ons gekoppeld worden aan het lichaam van Jezus. De striemen zorgen voor genezing, maar ook zegt Jesaja dat Hij onze ziekten in Zijn lichaam heeft gedragen. Hij heeft onze ziekten op Zich genomen. Als je dat goed overdenkt, dan kom je er ineens achter dat Jezus daarom dus ook niet spreekt over vergeving op het moment dat Hij het brood breekt. 

Zijn gebroken lichaam is gebroken vanwege de gevolgen van de zonde, onze ziekten. Er is maar ene reden waarom het lichaam van Jezus zo toegetakeld moest worden en dat was vanwege de gebrokenheid in ons lichaam, vanwege de ziekten waar wij mee te kampen hebben. Wat zou er gaan gebeuren als we dit, tijdens onze Avondmaalsvieringen gaan inzien? Wat zal er gebeuren als we dat werkelijk gaan geloven? 

In het gebroken lichaam van Jezus is onze genezing gegarandeerd. En als wij het gebroken brood eten tijdens het Avondmaal dan geloven wij dat onze genezing is verdiend. Het brood wijst naar Zijn striemen, naar alle pijn die Hij heeft gedragen, zodat wij niet alleen verzoend zouden worden met God, maar dat wij ook complete genezing zouden ontvangen. Als je dat gaat beseffen, dan zit er kracht in de bediening van het Avondmaal. Dan is het niet alleen een zichtbare bediening van verzoening, maar het is ook een zichtbare bediening van genezing. 

Wat geloof jij van het gebroken lichaam van Jezus? Geloof jij dat dit nodig was, zodat er ook genezing en echt lichamelijk herstel zou kunnen komen? Jezus heeft alles terugverdiend wat wij zijn kwijtgeraakt toen wij zondigden. En hoe meer je dit gaat zien en proeven, hoe meer je verwondering krijgt voor het complete werk van Jezus. Zijn gebroken lichaam, zoals het brood gebroken wordt, dat is helend en herstellend. Misschien echt niet altijd al in dit leven, maar ook verzoening met God ervaar je in dit leven echt niet altijd zoals we het straks zullen ervaren, maar het is allemaal wel verdiend, zodat er een volmaakte toekomst ligt in eeuwigheid. 

Gebed: Heer, dank U wel voor Uw gebroken lichaam! U bracht mij verzoening, maar ook genezing. Ik dank U en ik prijs U dat ik straks volmaakt zal leven en nu al mag ervaren dat bij U alles mogelijk is.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu