“Saul was bevreesd voor David, want de HEERE was met hem, en Hij was van hem geweken.” (1 Samuël 18:12)

We zijn twee speren verder. De boze geest die de macht over Saul heeft overgenomen, waaruit dus ook blijkt dat het ten diepste niet Saul zelf was, heeft Saul twee speren naar David laten gooien. Ergens is het ook wel goed om te blijven beseffen dat de macht van satan er altijd op uit is om Gods eigendom kapot te krijgen. Het is niet zozeer zaak van een leiders om die pogingen te voorkomen, maar het is zaak om geen bestaansgrond te geven aan satan om zijn macht op deze manier te kunnen inzetten. Op het moment dat een leider satan door zonden of door ongehoorzaamheid eigenlijk gewoon zegt dat hij welkom is om zijn werk te komen doen, gaat het ook werkelijk mis.

 

En nadat Saul twee speren naar David heeft gegooid, heeft David deze speren twee keer ontweken. En er zullen nog heel wat pogingen volgen. En Saul heeft er op die momenten ook geen grip meer op. Maar de fout begon bij Saul toen hij de deur openzette op momenten van angst om het volk kwijt te raken, op het moment dat hij probeerde God te manipuleren en op andere momenten.

Maar ergens weet Saul heel goed wat er aan de hand is. En nog altijd is er voor hem wel een weg terug. Niet dat hij daarmee het koninkrijk nog zou terugkrijgen, maar God maakt er tot hiertoe niet direct een eind aan. Saul wist dat God van hem geweken was en hij heeft heel goed gevoeld dat God wel met David was.

En ik geloof dat waar dit speelt, de vijandschap van de Sauls nog veel erger wordt. Als iemand Gods Geest is kwijtgeraakt en er is ruimte gekomen voor duistere machten dan wordt de strijd heel heftig. En die duistere machten gebruiken zeker in dit soort strijd heel graag geesten van jaloezie. Jaloezie dat die ander Gods nabijheid heeft terwijl dat diegene zelf merkt dat Gods aanwezigheid is geweken. En dat maakt Saul bang. Weer speelt angst een grote rol. Saul is zijn veiligheid bij God, tegelijk met zijn zalving helemaal kwijt geraakt en alles is een bedreiging, zeker als er mensen komen die geestelijk beginnen leiding te geven. Dat maakt te meer noodzakelijk om die ander uit de weg te ruimen.

En juist omdat ook de boze geest ervoor zorgde dat Saul zo woedend werd, wordt ook duidelijk hoe de duisternis er op uit is om werkelijk geestelijk leiders uit de weg te ruimen. David was een gevaar voor de plannen van satan. Maar met Saul, weet ook satan dat zijn verlies uiteindelijk al is getekend en dat er geen mogelijkheid is om David van de troon te houden. Hooguit tijdrekken is nog een optie, maar tegelijk gaat Gods Geest wel door. God blijft trouw over Zijn eigendom, al kan er veel afgebroken worden. Satan zal niet winnen, hoe ver hij ook kan gaan met leiders, waar God mee was begonnen.

En als God geestelijke doorbraken tot stand gaat brengen, zullen leiders in de kerk die met hun eigen kerk bezig zijn gegaan, uiteindelijk geen stand houden, want God de Heer regeert!

Gebed: HERE God, ik blijf in gebed voor alle leiders over Uw eigendom, want menselijkerwijs kunnen ze onmogelijk standhouden. Ik zegen hen in de Naam Jezus en bid dat leiders die afgeweken zijn, terug zullen keren onder Uw zegen.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Podcast kanaal Eindeloos gelukkig

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu