Filemon - geconfronteerd

 

"Ik doe een beroep op u ten behoeve van mijn zoon,  die ik heb voortgebracht toen ik in boeien geslagen was, namelijk Onesimus. Hij was voorheen voor u van geen nut, maar nu is hij voor u en voor mij van veel nut. Ik heb hem teruggestuurd." (Filemon 1:10 en 11)

 

Paulus is ondertussen aangekomen in zijn brief bij wat hij wil zeggen en dat is ook gelijk iets waar wij een stevige spiegel voorgehouden krijgen. De spiegel van hoeveel kansen we elkaar geven. En ik begrijp wel dat, afhankelijk van wat er is gebeurd, dat er ook een stuk vertrouwen en betrouwbaarheid weg kan zijn, maar tegelijk is de vraag wat we er van geloven als de ander zich heeft bekeerd van zijn zonden of van zijn verkeerde keuzes? Eigenlijk zit daar de hele brief van Paulus een beetje op vast.

Tot ongeveer vers 7 was de brief zeer aangenaam voor Filemon om deze te lezen. Daarna werd Paulus wel duidelijk dat er iets aankwam waarvoor hij de liefde van Filemon nodig had, maar dan komt uiteindelijk vers 10. Dan komt er ineens een naam voorbij die Filemon heel goed kent: Onesimus. Je hebt soms van die namen in je leven die vergeet je nooit meer, zeker niet als het namen zijn waar je een minder fijne ervaring mee hebt opgedaan. En Onesimus was zo'n naam die Filemon nog wel kende. Hij was een slaaf die er een behoorlijk potje van gemaakt had.

 

En op de ene of andere manier was deze slaaf bij Paulus terecht gekomen. Paulus schrijft verder niet precies hoe dat is gegaan. Heeft Filemon hem gestuurd, terwijl Paulus in de gevangenis zat? Of is Onesimus in de gevangenis terecht gekomen en kwam hij daar Paulus tegen? Dat laatste lijkt aannemelijker dan het eerste. Maar dan betekent het wel dat Onesimus geen bepaald vlekkeloos verleden heeft. En zou je zo'n slaaf ooit nog terug willen? Zou jij een werknemer terug willen die gestolen had in je bedrijf?

 

Maar Paulus blijkt ondertussen een andere ervaring te hebben gehad met deze Onesimus. En Paulus benoemd ook echt wel dat deze man onnuttig was. Maar tegelijk zegt Paulus dat hij zijn zoon is. Natuurlijk is Onesimus niet een echte zoon, maar Paulus bedoelt het dat hij als een zoon voor hem is. Waarschijnlijk heeft dat ook te maken met hoe Paulus hem heeft gecoached en Paulus heeft hem oprecht liefgekregen. En deze Onesimus stuurt Paulus nu terug naar Filemon.

 

Het roept voor dit moment twee vragen op. Paulus heeft dus iemand die in de gevangenis terecht was gekomen, aangenomen als zijn zoon. Daar moet je vandaag eens over nadenken. Aangenomen als zijn zoon en hij heeft hem op een hoog niveau gebracht door zijn coaching. Zou jij zo willen omgaan met mensen die gevallen zijn in zonden? Deze vraag komt ineens heel dichtbij. Hoeveel kansen wil jij gevallen mensen geven? Want hoe zou jij als Filemon reageren? Paulus is gaan geloven in iemand die in de gevangenis binnenkwam, maar Filemon heeft dat proces niet meegemaakt en ziet ineens zijn oude slaaf terug. Wil jij, op voorspraak van een andere, betrouwbare, christen kiezen om iemand weer in genade aan te nemen?

 

Gebed: Vader, eigenlijk is die brief aan Filemon een hele lastig voor mijn vlees. Ergens triggert deze brief mij, maar ik maak een keus om te handelen zoals U handelt: vergeving, genade schenken en een nieuwe kans geven.

Tijd met God

Met Jezus opgestaan

 

"Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij; en voor zover ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God,  Die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven." (Galaten 2:20)

Met de Heer begraven en weer opgestaan. De zin van die lied zullen velen lezers herkennen. En juist nu het weer Pasen is geworden, ligt voor ons gevoel natuurlijk de nadruk op ‘opgestaan’. En tegelijk, is het de vraag in hoeverre wij dit ook echt ervaren, beleven en vooral hoe wij dit leven. Klopt het dat ons leven een opstandingsleven is? Of leven wij nog meer bij Golgotha, dan bij het open graf? Want dat is wel een groot verschil.
Lees meer...

Aanmelden 'Tijd met God'

Meld je aan voor het gratis mailabonnement 'Tijd met God'. 
Aanmelden mailabonnement

Bijbelgedeelte

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij 'Tijd met God' van dit moment.

 

Galaten 2:15-21

 15 Wij, die van nature Joden zijn, en geen zondaars uit de heidenen,
 16  weten dat een mens niet gerechtvaardigd wordt uit werken van de wet, maar door het geloof in Jezus Christus. En ook wij zijn in Christus Jezus gaan geloven, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden uit het geloof van Christus en niet uit werken van de wet.  Immers, uit werken van de wet wordt geen vlees gerechtvaardigd. 
 17 Maar als wij, die in Christus verlangen gerechtvaardigd te worden, ook zelf zondaars blijken te zijn, is Christus dan een dienaar van de zonde? Volstrekt niet!

Lees meer...

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Aanbevolen

Youtube-kanaal

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom