Leven na kerst

 

"Als er enige bemoediging is in Christus, als er enige troost is van de liefde, als er enige gemeenschap is van de Geest, als er enige innige gevoelens en ontfermingen zijn..." (Filippenzen 2:1)

 

Jezus geboren, Jezus gekomen en dat vanuit de hemel. Dat is kerst, zou je zeggen. kerst is een feest van vrede, wordt er gezegd, kerst is ook een feest van licht. Eigenlijk is kerst een feest waarin heel veel bemoediging zit. Want wat is er gebeurd? Jezus, is als Gods Zoon en daarmee als God Zelf, naar deze aarde komen. Eigenlijk gebeurt nu definitief wat God al deed bij Mozes. God zegt in Exodus tegen Mozes: "Ik heb het gekerm van de Israëlieten gehoord en Ik ben naar beneden gekomen." God zag ons mensen verloren gaan en Jezus is gekomen. Alleen al het feit dat Jezus komt om in te grijpen in de wereldgeschiedenis is al een bemoediging op zichzelf.

 

 

 

Zelfs al zou Jezus uiteindelijk niet voor het kruis hebben gekozen, dan nog zou de komst van Jezus, als door God gezonden al een bemoediging zijn geweest. Dan was het nog steeds rampzalig voor ons geweest, maar dan was het in onze rampzalige toestand wel een bemoediging geweest. Alleen al het feit dat Jezus kwam was dus al een bemoediging. En ik geloof dat we te makkelijk aan kerst voorbij leven als we alleen maar zeggen: "Ja, Jezus is gekomen voor onze zonden en wij laten het gewoon over ons heen komen en het is prachtig wat God doet in ons leven." Dat is in ieder geval ook niet wat Paulus er over zegt als het gaat over de uitwerking van de komst van Jezus.

 

Tweede kerstdag en de dagen die volgen zullen we zien dat er aan de komst van Jezus ook een andere kant zit. En kant die wij misschien wel heel erg lastig vinden. Het tweede hoofdstuk van de brief aan de gemeente in Filippi maakt duidelijk dat er een 'als' is aan de bemoediging dat Jezus is gekomen. Want als de komst van Jezus een bemoediging is, als er in Christus enige bemoediging is, dan... En dat ene woordje 'dan' maakt het verschil in jou leven en in dat van mij. Want als er bemoeding is dat Jezus is gekomen, dan blijkt dat er ook nog een taak voor ons ligt. Want dan betekent het dat wij worden opgeroepen om op dezelfde manier op aarde aanwezig te zijn als Jezus.

 

Als er bemoediging is in Christus en als er troost is van de liefde maar ook als er gemeenschap is in de Geest, dan heeft dat wat te zeggen voor ons. Als je met 'ja' antwoordt op de vragen of er bemoediging is in Christus, omdat Hij er is, als je troost ervaart door de liefde, maar ook als je de Heilige Geest ervaart, waardoor er dus gemeenschap is met Christus, dan betekent het dat het onderwijs van de komende dagen op jou van toepassing is. Dan is het leven na kerst een leven waarin je op alle fronten verbonden bent met Christus. Het is namelijk onmogelijk om verbonden te zijn met Christus, Die Zichzelf helemaal gaf, en vervolgens niet Zijn voetstappen te drukken. Dat kan gewoon niet. En dat wil Paulus ons, aan het einde van dit jaar nog even krachtig meegeven. 

 

Gebed: Jezus, ik belijd volmondig dat er in U bemoediging is, troost is in de liefde, gemeenschap is met U door Uw Geest en er zijn innerlijke ontfermingen, ik wil beschikbaar zijn voor het 'dan...' dat volgt.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 15

 

1 En het gebeurde na enkele dagen, in de dagen van de tarweoogst, dat Simson zijn vrouw bezocht met een geitenbokje. En hij zei: Laat mij bij mijn vrouw de kamer binnengaan. Haar vader stond hem echter niet toe om naar binnen te gaan.
2 Want haar vader zei: Ik dacht  werkelijk dat je haar zeer haatte. Daarom heb ik haar aan je metgezel gegeven. Is haar jongste zuster niet knapper dan zij? Laat zij toch in haar plaats voor jou zijn.
3 Toen zei Simson tegen hen: Ik ben deze keer onschuldig tegenover de Filistijnen, als ik hun kwaad doe.
4 En Simson ging op weg en ving driehonderd vossen. Hij nam fakkels, keerde staart aan staart en maakte in het midden tussen elke twee staarten een fakkel vast.
5 Hij stak de fakkels aan  en liet ze door het staande koren van de Filistijnen lopen. Zo stak hij zowel de korenhopen als het staande koren in brand, alsook de wijngaarden en olijfbomen.
6 Toen zeiden de Filistijnen: Wie heeft dit gedaan? En men zei: Simson, de schoonzoon van de man uit Timna, omdat die zijn vrouw genomen en haar aan zijn metgezel gegeven heeft. Toen trokken de Filistijnen daarheen en verbrandden haar en haar vader met vuur.
7 Daarop zei Simson tegen hen: Als u zo doet, zeker, dan zal ik me op u wreken, en pas daarna ophouden.
8 En hij sloeg hun met een grote slag de botten stuk.  Daarna vertrok hij en ging in een kloof van de rots Etam wonen.
9 Toen trokken de Filistijnen op, sloegen hun kamp op tegen Juda en verspreidden zich in Lechi.
10 En de mannen van Juda zeiden: Waarom bent u tegen ons opgetrokken? En zij antwoordden: Wij zijn opgetrokken om Simson te binden, om met hem te doen, zoals hij met ons heeft gedaan.
11 Daarop kwamen drieduizend man uit Juda naar de kloof van de rots Etam en zij zeiden tegen Simson: Wist u niet dat de Filistijnen over ons heersen? Waarom hebt u ons dit dan aangedaan? Maar hij zei tegen hen: Zoals zij bij mij gedaan hebben, zo heb ik bij hen gedaan.
12 En zij zeiden tegen hem: Wij zijn gekomen om u te binden en over te leveren in de hand van de Filistijnen. En Simson zei tegen hen: Zweer mij dat ú mij niet zult doodsteken.
13 Daarop zeiden zij tegen hem: Nee, wij zullen u namelijk alleen binden en u in hun hand overleveren. Doden zullen wij u echter zeker niet. En zij bonden hem vast met twee nieuwe touwen en voerden hem mee van de rots.
14 Toen hij bij Lechi kwam, kwamen de Filistijnen hem juichend tegemoet. Maar de Geest van de HEERE werd vaardig over hem, en de touwen die om zijn armen zaten, werden als vlas dat door het vuur verbrand is. En zijn boeien vielen zomaar van zijn handen. 
15 En hij vond een verse ezelskaak. Hij stak zijn hand uit, nam die en sloeg er duizend man mee dood.
16 Toen zei Simson:
   Met een ezelskaak heb ik één hoop, twee hopen,
      met een ezelskaak heb ik duizend man doodgeslagen.
17 En het gebeurde, zodra hij uitgesproken was, dat hij de kaak uit zijn hand wierp; en hij noemde die plaats Ramath-Lechi. 
18 Maar toen hij hevig dorst kreeg, riep hij tot de HEERE en zei: Ú hebt door de hand van Uw dienaar deze grote verlossing gegeven. Zou ik dan nu van dorst sterven en in de hand van deze  onbesnedenen vallen?
19 Toen kloofde God de holte die er in Lechi is, en er kwam water uit. Hij dronk en daarop kwam zijn geest weer terug en leefde hij op. Daarom gaf hij hem de naam Bron van de roepende, die tot op deze dag in Lechi is.
20 En hij gaf leiding aan Israël in de dagen van de Filistijnen, twintig jaar lang.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom