Dubbel rol van Juda als zegen voor Boaz

 

 

"En moge uw huis worden als het huis van Perez, die Tamar aan Juda baarde, door het nageslacht dat de HEERE u uit deze jonge vrouw geven zal." (Ruth 4:12)

 

Het is heel fijn als mensen je van alles toewensen. Nog heerlijker is het als er een profetie over je leven wordt uitgesproken, maar sommige wensen mogen mensen soms wel voor zich houden. Dat zijn van die wensen waarvan je denkt: daar wil ik liever niet mee geconfronteerd worden. Tegelijk kan het ook nog wel eens een wens zijn die op een bepaalde manier wel past bij de situatie, maar aan de andere kant tegelijk helemaal niet passend is en al helemaal niet echt pastoraal. Boaz krijgt zo'n soort wens ook nog even mee.

 

 

 

De eerste wens over Rachel en Lea lees je al snel aan voorbij, maar de tweede wens, die daar op volgt ben je geneigd om al helemaal te laten voor wat het is, je wilt gewoon door naar het volgende vers. Maar die tekst staat er dus wel. Het is de wens dat het huis van Boaz en Ruth zal zijn als het huis van Perez. Perez... weet je nog wie Perez was? Perez was de oudste zoon van een tweeling van Tamar. En wie was Tamar? Tamar was de schoondochter van Juda, de zoon van Jakob. Tamar was getrouwd geweest met Er, de oudste zoon van Juda. Maar die zoon was door God gedood omdat hij slecht was. Tamar bleef alleen achter en mocht van Juda wachten op zijn oudste zoon, maar die wilde Juda uiteindelijk niet geven omdat hij bang was dat zijn oudste zoon ook zou sterven. Dan bedenkt Tamar een list, nadat de vrouw van Juda is gestorven, verkleed zich als hoer en gaat langs de weg zitten waar Juda langs komt en uiteindelijk laat Juda zich verleiden, maar hij weet niet dat het Tamar is. Als hij er achter komt dat Tamar zwanger is, zegt hij haar aan dat ze gedood moet worden, maar dan bewijst Tamar dat Juda de vader is van haar kind.

 

Perez die dus geboren wordt, is de voorzetting van het geslacht van Juda, zodat Jezus uiteindelijk toch geboren kan worden. Alleen is de manier hoe dit gebeurd, schandalig. Via een hele kromme manier heeft Juda dus voor twee generaties van de geslachtslijn gezorgd. Eerst Er, die met Tamar trouwde en omdat Tamar gelost kon worden om de naam van Er voort te zetten, is Perez de tweede generatie waar Juda een rol in speelt. Bizar verhaal om daar mee gezegend te worden. En toch is dit het kromme dat God heeft gebruikt. Het gaat natuurlijk om het lossen van Ruth in deze wens. Maar ook daar klopt een heleboel niet, want zijn is een Moabitische. En jij en ik? Wij zijn ook heidenen, helemaal geen Israël. Maar toch lost Jezus ons om door ons, heidenen, Zijn Kerk te bouwen. Stellen wij niets voor, is ons leven te slecht? Blijkbaar kan Jezus het slechtste gebruiken als bouwstenen voor Zijn Kerk. Wie kan er dan nog zeggen dat hij onbruikbaar is? Iedereen die door Jezus wordt gelost, is bruikbaar voor God.

 

Gebed: Jezus, U ziet in mij een kostbare steen voor Uw Kerk. Heel veel is echt niet logisch en lijkt zo krom als het maar kan, maar ik wil beschikbaar zijn om Uw Kerk te bouwen, zoals Perez aan Israël heeft gebouwd.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 15

 

1 En het gebeurde na enkele dagen, in de dagen van de tarweoogst, dat Simson zijn vrouw bezocht met een geitenbokje. En hij zei: Laat mij bij mijn vrouw de kamer binnengaan. Haar vader stond hem echter niet toe om naar binnen te gaan.
2 Want haar vader zei: Ik dacht  werkelijk dat je haar zeer haatte. Daarom heb ik haar aan je metgezel gegeven. Is haar jongste zuster niet knapper dan zij? Laat zij toch in haar plaats voor jou zijn.
3 Toen zei Simson tegen hen: Ik ben deze keer onschuldig tegenover de Filistijnen, als ik hun kwaad doe.
4 En Simson ging op weg en ving driehonderd vossen. Hij nam fakkels, keerde staart aan staart en maakte in het midden tussen elke twee staarten een fakkel vast.
5 Hij stak de fakkels aan  en liet ze door het staande koren van de Filistijnen lopen. Zo stak hij zowel de korenhopen als het staande koren in brand, alsook de wijngaarden en olijfbomen.
6 Toen zeiden de Filistijnen: Wie heeft dit gedaan? En men zei: Simson, de schoonzoon van de man uit Timna, omdat die zijn vrouw genomen en haar aan zijn metgezel gegeven heeft. Toen trokken de Filistijnen daarheen en verbrandden haar en haar vader met vuur.
7 Daarop zei Simson tegen hen: Als u zo doet, zeker, dan zal ik me op u wreken, en pas daarna ophouden.
8 En hij sloeg hun met een grote slag de botten stuk.  Daarna vertrok hij en ging in een kloof van de rots Etam wonen.
9 Toen trokken de Filistijnen op, sloegen hun kamp op tegen Juda en verspreidden zich in Lechi.
10 En de mannen van Juda zeiden: Waarom bent u tegen ons opgetrokken? En zij antwoordden: Wij zijn opgetrokken om Simson te binden, om met hem te doen, zoals hij met ons heeft gedaan.
11 Daarop kwamen drieduizend man uit Juda naar de kloof van de rots Etam en zij zeiden tegen Simson: Wist u niet dat de Filistijnen over ons heersen? Waarom hebt u ons dit dan aangedaan? Maar hij zei tegen hen: Zoals zij bij mij gedaan hebben, zo heb ik bij hen gedaan.
12 En zij zeiden tegen hem: Wij zijn gekomen om u te binden en over te leveren in de hand van de Filistijnen. En Simson zei tegen hen: Zweer mij dat ú mij niet zult doodsteken.
13 Daarop zeiden zij tegen hem: Nee, wij zullen u namelijk alleen binden en u in hun hand overleveren. Doden zullen wij u echter zeker niet. En zij bonden hem vast met twee nieuwe touwen en voerden hem mee van de rots.
14 Toen hij bij Lechi kwam, kwamen de Filistijnen hem juichend tegemoet. Maar de Geest van de HEERE werd vaardig over hem, en de touwen die om zijn armen zaten, werden als vlas dat door het vuur verbrand is. En zijn boeien vielen zomaar van zijn handen. 
15 En hij vond een verse ezelskaak. Hij stak zijn hand uit, nam die en sloeg er duizend man mee dood.
16 Toen zei Simson:
   Met een ezelskaak heb ik één hoop, twee hopen,
      met een ezelskaak heb ik duizend man doodgeslagen.
17 En het gebeurde, zodra hij uitgesproken was, dat hij de kaak uit zijn hand wierp; en hij noemde die plaats Ramath-Lechi. 
18 Maar toen hij hevig dorst kreeg, riep hij tot de HEERE en zei: Ú hebt door de hand van Uw dienaar deze grote verlossing gegeven. Zou ik dan nu van dorst sterven en in de hand van deze  onbesnedenen vallen?
19 Toen kloofde God de holte die er in Lechi is, en er kwam water uit. Hij dronk en daarop kwam zijn geest weer terug en leefde hij op. Daarom gaf hij hem de naam Bron van de roepende, die tot op deze dag in Lechi is.
20 En hij gaf leiding aan Israël in de dagen van de Filistijnen, twintig jaar lang.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom