En hun legermacht...

 

"Zo zijn de hemel en de aarde voltooid, en heel hun legermacht." (Genesis 2:1)

 

En dan na zes dagen is God klaar. En niet alles is genoemd wat God in deze zes dagen maakte. God heeft meer gemaakt dan alleen waarover Hij woorden uitsprak. Overigens als er woorden zijn geweest die echt kracht hadden, dan waren het de woorden van God. Scheppende kracht zat er in elk woord. En dan is het helemaal niet vreemd dat wij, die naar Zijn beeld geschapen zijn, ook kracht in onze woorden hebben. Ook onze woorden hebben kracht. En negatieve woorden hebben zelfs vernietigende kracht. Maar naast alles wat God met woorden maakte en wat Hij op liet schrijven maakte God nog iets.

 

 

De hemel en de aarde zijn voltooid. En dan staat er een korte zin achter: En heel hun legermacht. Opmerkelijk is dat God het heeft over 'hun' legermacht. Het is de legermacht die dus bij de hemel en de aarde behoort. God geeft de hemel en de aarde er een legermacht bij. Je kunt je afvragen of dit nodig was. Gevaar was er in ieder geval niet, dus voor bescherming was dit niet nodig. En toch staat dit er wel. Waarschijnlijk kunnen we in dit verband beter over een leger spreken als een menigte personen of wezens. Het gaat hier niet om een leger zoals wij nu onze legers gebruiken.

 

Het is opmerkelijk dat in het hele scheppingsverhaal alleen de zaken genoemd worden die wij kunnen zien. En over de legermacht van de hemel en de aarde staat er verder niets genoemd dan deze ene zin. En toch is deze zin van de allergrootste betekenis. Want in deze legermacht is het als eerst fout gegaan. De eerste breuk in Gods meesterwerk is niet zondeval, maar de eerste breuk vond plaats in de hemelse gewesten. Juist in deze legermacht van engelen.

 

Want dat is waar het hier om gaat. God schiep naar alles wat wij zien een legermacht voor de hemel en de aarde. Een leger van hemelwezens die er helemaal moeten zijn ten dienste van de gehele schepping. Waar Hij ons maakte om over de aarde te heersen, maakte Hij het leger van de hemel en de aarde om Hem en ons te dienen. De legermacht van de aarde is er namelijk helemaal om ons te dienen zoals de engelen in de hemel God dienen, dag en nacht. 

 

Het is duidelijk door de hele Bijbel heen dat deze legermacht een grote rol speelt. Aan de ene kant is duidelijk dat er in de hemel een grote strijd is geweest, waarschijnlijk net voor Genesis 3, waarbij de zangleider in de hemel van dit leger in opstand kwam tegen God. In Openbaring 12 lezen we dat hij op de aarde is gegooid. En dan verdeelt het leger van de hemel en de aarde zich en begint het eerste gevaar voor Gods meesterwerk. Maar laten we ook beseffen dat tweederde van deze legermacht trouw is gebleven aan God. En zij dienen de gelovigen op aarde.

 

Gebed: God almachtig, ik zie er niets van, maar U maakte ze wel: engelen, Uw legermacht. En ik besef dat een deel ontrouw is geworden aan U en nu als beesten tekeer gaan om wraak te nemen op hun ondergang. Maar ik geloof dat U ook Uw engelen stuurt op de momenten dat ik dit nodig heb.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom