Grazig en stil

 

"Hij doet mij neerliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren." (Psalm 23:2)

 

Dat is nog eens een vredig beeld. Mooie groene weiden en stil, rustig water. Dat is het leven, wat echt het leven is. Vrede, rust, eigenlijk zoiets als het paradijs. Dat is toch het leven dat ieder schaap graag wil. Of is dit toch niet zo schaapachtig als dat het allemaal lijkt. Is dit eigenlijk wel echt wat het is? Hoeveel momenten heb je dat het zo is? 

Is het niet vaker een droom dan dat het echt zo is? Geloof jij dat God zo voor jou wil zijn? Of ben je de leugen gaan geloven dat psalm 23 op dit punt niet klopt. Ja, Jezus zegt wel dat Hij is gekomen om leven en overvloed te geven, maar is dat echt zo? Toch is David er hier helemaal van overtuigd en hij was echt niet elk moment van zijn leven met zoveel vrede omringt. Toch is dit het karakter van de Herder. Dit is het karakter van God Zelf. Dat wil Hij met jou bereiken. Dat is Zijn doel met jou. God is een Herder die intens verlangt dat jij mag neerliggen in grazige weiden en aan stil water mag liggen.

 

En ik kan hier soms ook heel erg mee worstelen. Dan is het helemaal niet zo rustig om mij heen en het lijkt soms meer dat mijn hele wereld in brand staat dan dat ik deze rust en vrede ervaar. Wat opmerkelijk is, is dat David op dit moment niet zegt dat er ook andere omstandigheden in de wereld om het schaap heen zijn. Waar ligt nu het geheim van dit stukje uit psalm 23? Het gaat natuurlijk verder op het stukje dat het hem aan niets ontbreekt.

 

Maar niets ontbreken en deze rust die is er niet in de wereld. Daar is het gras dor en het water niet te drinken. Ook in onze nette wereld, vol christelijke normen is dit zo. Maar waar de Herder is, daar is het allerbeste te vinden. En heel eerlijk gezegd weet ik heel goed hoe het komt als ik deze rust uit het tweede vers niet ervaar. Dat heeft niets te maken met de plaats waar ik in mijn leven terecht ben gekomen, het heeft te maken in welke verhouding ik sta tot mijn Herder. Want al staat alles in mijn leven op zijn kop, dan kan ik vrede, overvloed van vrede, rust en blijdschap hebben als ik dichtbij de Herder leef.

 

En misschien... mekkeren we wel meer dan dat we dichtbij de Herder blijven. En door ons gemekker dwalen we weg bij de Herder, mekkeren we dat deze woorden echt te hoopvol zijn en niet mogelijk zijn. Maar de waarheid die God ons door deze psalm wil leren is dat deze vrede en blijdschap, deze rust en hoop er is als we met de Herder leven. Dan is er een grazige weide en stil water. En God zal het geven, dat heeft niet met min gevoel te maken, maar met Zijn trouw! Dan geeft Hij het, al staat je wereld in brand. En als jij dichtbij Hem leeft, leidt Hij je er naartoe. De vraag is of wij ons zo makkelijk laten leiden.

 

Gebed: Herder en HEERE, ik moet eerlijk zeggen dat ik nog niet zo makkelijk ben in het mij laten leiden. Mijn koppigheid en gemekker staat Uw leiding maar al te vaak in de weg. Leidt U mij... zodat vrede en rust mijn leven zal bepalen.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom