Veertigdagentijd - Dag 11 - God is de God van de levenden

“En dat de doden opgewekt zullen worden, heeft Mozes duidelijk te kennen gegeven bij de doornstruik, toen hij de Heer de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob noemde. God nu is niet een God van de doden, maar van de levenden, want voor Hem leven zij allen.” (Lukas 20:38) 

Als je over de tekst van deze dag nadenkt en bedenkt dat een gewoon mens deze zou hebben uitgesproken naar aanleiding van wat Mozes heeft gezegd over Wie God is, dan zouden we zeggen: “Deze uitleg is een mooie gedachte, maar of dit klopt is maar de vraag”. Maar nu zijn dit de woorden van Jezus! Het feit dat Mozes zegt dat God de God van Abraham, Izak en Jakob is, terwijl zij al niet meer leven, betekent dus dat de doden niet dood zijn voor God, maar leven.

 

Voor God leven de doden dus gewoon! Alleen leven de doden anders dan dat wij nu leven. Het zal straks, als Jezus terugkomt, heel anders zijn. De vraag die hieraan vooraf ging was een verschrikkelijke, ongelovige vraag van de Saduceeën. Deze groepering geloofde niet in engelen, maar ook niet in de opstanding van de doden. Dood zou dood zijn en daar was alles klaar mee. Wat dan elke geestelijke boodschap nog voor betekenis heeft en wat de offers dan nog voor betekenis hadden en het verwachten van de Messias kun je je dan wel gerust gaan afvragen. 

De vraag was hoe het dan zou zijn als de doden opstaan en iemand is zeven keer getrouwd geweest, en zes mannen zouden overleden zijn. Van wie zou die vrouw dan straks zijn als de doden zijn opgestaan. De vraag heeft niets met die vrouw te maken en ook niet met die mannen. Het maakte die Saduceeën helemaal niets uit hoe dat straks dan zou moeten, het was een vraag uit ongeloof over de opstanding. En Jezus zegt dan gewoon: “Straks zijn er geen huwelijken meer, wij zullen als de engelen zijn.” Jezus zegt daarmee niet dat wij engelen zullen worden, wij staan straks op met een menselijke lichaam, maar als het over de samenlevingsvorm gaat, dan zal het zijn zoals nu bij de engelen. 

Vervolgens gaat Jezus over op een verklaring dat de doden zullen opstaan, waar je echt, normaal gesproken over zou zeggen: Hoe bedenkt iemand deze uitleg, maar nu het de woorden van Jezus zijn, ligt het ineens helemaal anders! Nu zijn het de woorden van de Zoon van God Zelf. Omdat God de God van Abraham, Izak en Jakob is, betekent dat niet dat God dat was toen ze leefden, maar Hij is dat nu nog. Ook nu, in de geestelijke staat waarin ze nu zijn is Hij hun God en straks met hun nieuwe lichaam zal Hij ook hun God zijn. 

De doden zijn voor God niet dood. De dood is alleen een lichamelijke status en waar deze geestelijk is, betekent dat niet dat het leven is gestopt. Ons leven stopt nooit, ook van de onbekeerden geldt dat ook hun leven nooit stopt, als zal hun eeuwige leven een eeuwige dood zijn, maar dan niet in letterlijk ‘er niet meer zijn’ maar in de zin van ‘het is geen leven’ wat ze dan hebben. En voor ons als gelovigen geldt dat wij eeuwig zullen leven met God, dat is onze zekere toekomst. 

Gebed: Heer, ik dank U dat U de dood verslagen hebt, ik dank U dat U mij het leven hebt geschonken en dat U altijd mijn God zult zijn, ook als ik er lichamelijk niet meer ben.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 




Nehemia 12:27-43

27  Bij de inwijding van de muur van Jeruzalem zochten zij de Levieten uit al hun woon plaatsen om hen naar Jeruzalem te brengen, om met blijdschap de inwijding te verrichten, met dank zegging en met gezang, met cimbalen, luiten en harpen.
28  De nakomelingen van de zangers verzamelden zich, zowel vanuit het omliggende gebied van Jeruzalem als vanuit de dorpen van de Netofatieten,
29  en vanuit het huis van Gilgal, en vanuit de velden van Geba en Azmaveth, want de zangers hadden dorpen voor zichzelf gebouwd rond Jeruzalem.
30  De priesters en de Levieten reinigden zich; vervolgens reinigden zij het volk, de poorten en de muur.
31  Toen liet ik de vorsten van Juda de muur opgaan. Ik stelde twee grote dank koren en processies op: de ene ging naar rechts, over de muur, naar de Mestpoort,
32  en achter hen liep Hosaja met de helft van de vorsten van Juda,
33  en Azarja, Ezra en Mesullam,
34  Juda, Benjamin, Semaja en Jeremia,
35  en van de nakomelingen van de priesters met trompetten: Zacharja, de zoon van Jonathan, de zoon van Semaja, de zoon van Mattanja, de zoon van Michaja, de zoon van Zakkur, de zoon van Asaf,
36  en zijn broeders Semaja en Azareël, Milalai, Gilalai, Maäi, Nethaneël en Juda, en Hanani, met muziekinstrumenten van David, de man Gods. En Ezra, de schriftgeleerde, ging voor hen uit.
37  Zij gingen vervolgens naar de Bronpoort, en recht voor hen uit gingen zij via de trappen van de stad van David naar boven, waar de muur oploopt, boven het huis van David langs tot aan de Waterpoort in het oosten.
38  Het tweede dank koor ging in tegenovergestelde richting, met mij erachter, en met de helft van het volk, over de muur, boven de Bakoventoren langs, tot aan de Brede Muur,
39  boven de Efraïmpoort langs, en over de Oude Poort en over de Vispoort, de Hananeëltoren en de Honderdtoren, tot aan de Schaapspoort. Vervolgens bleven ze bij de Gevangenpoort staan.
40  Daarna stelden de twee dank koren zich op in het huis van God, ook ik en de helft van de machthebbers met mij,
41  en de priesters Eljakim, Maäseja, Minjamin, Michaja, Eljoënai, Zacharja en Hananja, met trompetten,
42  en Maäseja, Semaja, Eleazar, Uzzi, Johanan, Malchia, Elam en Ezer. Ook lieten de zangers zich horen, en Jizrahja, de opzichter.
43  Zij brachten op die dag grote offers en waren verblijd, want God had hen in grote mate verblijd, en ook de vrouwen en de kinderen waren verblijd, zodat de blijdschap van Jeruzalem van ver gehoord werd.

Activiteiten (klik op event voor meer info)

Podcast kanaal Eindeloos gelukkig

Recentste 'Tijd met God'

Wijdt de ingewonnen gebieden opnieuw in!

"Bij de inwijding van de muur van Jeruzalem zochten zij de Levieten uit al hun woonplaatsen om hen naar Jeruzalem te brengen, om met blijdschap de inwijding te verrichten, met dankzegging en met gezang, met cimbalen, luiten en harpen." (Nehemia 12:27)

Welk gevoel krijg jij bij het woord 'inwijding'? Het is, denk ik, een lastig woord, want het roept de vraag op welke functie inwijding heeft. Betekent het dat als je bijvoorbeeld je huis inwijdt, dat dit een speciale zegen van God krijgt, waardoor je er met meer zegen kan gaan wonen? Of een kerkgebouw dat ingewijd wordt, kan God daar meer werken dan in een kerkgebouw dat niet is ingewijd. En trouwens, wanneer is iets een inwijding en wanneer niet? Eigenlijk is het dus iets dat nog niet zomaar is uitgelegd. Nadat alle feesten van dankbaarheid en nadat ook de verootmoediging is geweest en iedereen is verdeeld over Jeruzalem en over het land, dan roept Nehemia alle Levieten nog een keer terug naar Jeruzalem. En waarom? Precies, om de nieuwe stadsmuur in te wijden.

Lees meer...

Aanbevelingen

Youtubekanaal

Nieuwe artikelen

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu