Bijbelgedeelte


 18 Want als ik dat wat ik afgebroken heb, weer opbouw, dan bewijs ik daarmee dat ik zelf een overtreder ben.
 19  Want ik ben door de wet voor de wet gestorven,  opdat ik voor God zou leven.
 20 Ik ben met Christus gekruisigd; en niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij; en voor zover ik nu in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God,  Die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven.
 21 Ik doe de genade van God niet teniet; want  als er gerechtigheid door de wet zou zijn, dan was Christus tevergeefs gestorven.