“… en Saul, de zoon van Kis, werd aangewezen. Ze zochten hem, maar hij werd niet gevonden.” (1 Samuël 10:21b)

Door God gezalfd worden als leider is het ene, maar in de meeste gevallen is daar echt niet het hele volk bij. Bij Saul was dat ook niet zo. Saul werd gezalfd door Samuël, zonder dat daar verder iemand bij was. Ook bij latere zalvingen in de Bijbel zijn er vaak maar enkelen bij. Het is daarom ook wel belangrijk dat als God iemand zalft om hem aan te stellen over Zijn eigendom, dat het volk dit ook weet.

Het is verschillend hoe dat gebeurt. Vaak wordt uit de vruchten de leider openbaar. Niet uit wat hij kan, maar veel meer hoe hij het doet. Er zijn mensen die zichzelf een profeet van God noemen, maar bij wie de vruchten van een profeet van God ontbreken. Soms spreken ze wel een juiste profetie uit, maar kloppen de vruchten uit het leven niet. Hier bij Saul kiest God ervoor om Saul letterlijk als koning over Zijn eigendom te presenteren. De enige reden dat God dit doet, heeft niet te maken met dat dit nodig was om Saul werkelijk koning te laten zijn, dat was bij zijn zalving al gebeurd. God wil wel dat Saul het gezag krijgt dat hij nodig heeft om zijn taak uit te oefenen.

Er komt een teken bij waardoor het volk Saul zal erkennen als koning. Samuël roept het hele volk bij elkaar. “Jullie willen een koning, dan zal dat vandaag gebeuren”, zegt Samuël. En op dat moment gaat Samuël het lot werpen. Het lot, notabene. Hoe groot wordt dan het risico dat er iemand anders door het lot wordt aangewezen, zouden wij denken. Maar toch was het lot in de Bijbel ook absoluut een geestelijke zaak. God bepaalt het lot. Misschien zouden ook wij, als het gaat om geestelijke leiders, om predikanten en voorgangers geestelijk het lot moeten werpen. Het is God namelijk die door het lot degene aanwijst die Hij over Zijn eigendom aanstelt.

Maar God had bij Saul al duidelijk aangegeven wie het moest zijn en nu bevestigt het lot de keus op Saul. En wie is er dan nog, die kan en mag twijfelen aan deze uitverkiezing? Er blijken er wel te zijn die Saul niet als leider accepteren, maar Saul doet net of hij hen niet hoort. Daar zal God wel voor zorgen.

Het is de vraag hoe onze leiders geaccepteerd zijn. Als hun boodschap, visie en vruchten kloppen, hebben wij geen enkele reden om te twijfelen aan hun leiderschap. Ze zijn daardoor door God ook aangewezen. Dat bepaalt onze houding ten op zichte van hen. Maar Saul staat toch zo niet bekend? Die vraag bleef bij mij ook hangen, maar in eerste instantie was Saul het wel helemaal! Hij raakte later zijn zalving kwijt, maar de zalving is er wel bij zijn aanstelling geweest. En als God jou roept, dan zalft hij je ook, met Zijn Geest. En de vruchten bewijzen je leiderschap. Maar daarmee is het allemaal niet definitief, want leiderschap moet je leren vasthouden. Dat is niet vanzelfsprekend. Want veel leiders zijn echt wel geroepen, maar raakten het kwijt.

Gebed: HERE, U laat soms heel concreet en meestal door de vruchten zien wat de waarde is van leiderschap. Zelfs als leiders hun zalving kwijtraken, is Uw bedoeling niet veranderd. Leer mij daarop waakzaam zijn.

 

 

 

 

 

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu