Timotheüs - Gebed op de eerste plaats

 

"Ik roep er dan vóór alles toe op dat smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen gedaan worden voor alle mensen, voor koningen en allen die hooggeplaatst zijn, opdat wij een rustig en stil leven zullen leiden, in alle godsvrucht en waardigheid. (1 Timotheüs 2:1 en 2)

 

Je zou zeggen dat als het over Gods Koninkrijk gaat, dat je dan als een Timotheüs in de gemeente vooral hard aan het werk moet gaan. Sturing geven aan al die zinloze discussies, mensen wijzen op Jezus en de gemeente leren dat het einddoel van de wet, de liefde is. Dat zou je zeggen. Dat verwacht je toch ook eigenlijk van voorgangers? Aan het werk, bezoek mensen, help waar je kunt, lees met mensen uit de Bijbel en bidt met mensen die het nodig hebben. En dan zegt Paulus: "Niets daarvan!"

Onze neiging is om zoveel mogelijk bezoeken te doen, of om zoveel mogelijk te evangeliseren. Maar Paulus zegt: "Vóór alle dingen, voor alles wat je doet, is er eerst wat anders belangrijk." Voordat je de straat op gaat, voordat... En vil het dan maar in. Maar voor dat alles is gebed, smekingen en voorbede belangrijker. En ik weet niet hoe dit voor jou voelt, maar ik merk zelf dat ik maar al te makkelijk, als ik tijd neem voor gebed het gevoel heb: Er moet nog zoveel, en dit nog en dat nog. Je agenda drukt heel makkelijk een stempel op je dag. 

 

Wat zou er gebeuren als je aan een voorganger vraagt: "Wat doe je zoal op een dag?" en hij zegt: "Ik begin met een uur gebed." Dan hoor je soms mensen zeggen: "Maar wat doe je als werk?" En dan zegt die voorganger: "Vooral bidden." Vinden we dat dan een normaal antwoord? Hoe normaal is het dat tijden van gebed onderdeel zijn van het werk van voorgangers en anderen die dienen in het Koninkrijk van God? We weten wel dat gebed belangrijk is, maar ondertussen staat het best wel apart op je urenoverzicht. 

 

Paulus maakt heel duidelijk aan Timotheüs dat hij zich niet moet laten verleiden tot rennen en vliegen. Het kan soms heel druk zijn als je dient in Gods Koninkrijk, soms is het crisis op crisis, maar dat mag er nooit voor zorgen dat dit je agenda gaat bepalen. En ik hoor het mijzelf zeggen, want dat gebeurt zo makkelijk. Laten we ons door Paulus eens laten oproepen om gebed de eerste en hoogste plaats te geven. Ook als je geen voorganger bent, ook als je niet een bijzondere plaats hebt in de bediening, maar laten we serieus plaats maken voor gebed, smeken en voorbede.

 

Paulus noemt dan ook degenen die op hoge plaatsen zitten. Zeker, die mogen wel wat extra gebed ontvangen, maar tegelijk zegt Paulus ook: Voor alle mensen! Misschien zou het wel eens goed zijn als we zouden zien wat er gebeurt als we bidden! Wat gebeurt er dan in de geestelijke wereld. Komen de engelen in beweging? Waarschijnlijk wel, zodra wij bidden gebeurt er iets. En daarmee is bidden tegelijk ook hard werken! Laat je niet afleiden door je agenda en soms ok gewoon je onwil.

 

Gebed: Heer, ik beleid U dat het aan mijn gebed maar al te makkelijk ontbreekt. Veel te makkelijk laat ik mij leiden door de wan van alledag. Wilt U mij helpen om de juiste focus te hebben.

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 14

 

​1 Simson ging naar Timna. En toen hij in Timna een vrouw uit de dochters van de Filistijnen had gezien,
2 ging hij weer terug om het zijn vader en zijn moeder te vertellen. Hij zei: Ik heb in Timna een vrouw gezien uit de dochters van de Filistijnen. Welnu, neem haar voor mij tot vrouw.
3 Maar zijn vader zei tegen hem, evenals zijn moeder: Is er onder de dochters van je broeders en onder heel mijn volk geen vrouw, dat je weggaat om een vrouw te nemen van die onbesneden Filistijnen? Maar Simson zei tegen zijn vader: Neem háár voor mij, want zij is in mijn ogen de juiste.
4 Nu wisten zijn vader en zijn moeder niet dat dit van de HEERE was, dat hij een aanleiding zocht tegen de Filistijnen. Want de Filistijnen heersten in die tijd over Israël.
5 Zo ging Simson met zijn vader en zijn moeder naar Timna. En toen zij bij de wijngaarden van Timna kwamen, zie, een jonge leeuw kwam hem brullend tegemoet.
6 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem, zodat hij hem uiteenscheurde, zoals men een bokje uiteenscheurt, zonder dat hij iets in zijn hand had. Maar hij vertelde zijn vader en moeder niet wat hij gedaan had.
7 Hij ging verder en sprak met de vrouw. En zij was in Simsons ogen de juiste.
8 Toen hij na enkele dagen terugkeerde om haar tot vrouw te nemen, week hij van de weg af om het kadaver van de leeuw te zien. En zie, er zat een bijenzwerm in het lichaam van de leeuw, met honing.
9 Hij nam die honing in zijn handen en liep al etend verder. Hij liep naar zijn vader en zijn moeder en gaf hun er wat van, en zij aten ook. Hij vertelde hun echter niet dat hij de honing uit het lichaam van de leeuw genomen had.
10 Toen ook zijn vader bij de vrouw aangekomen was, richtte Simson daar een maaltijd aan, want zo deden de jongemannen.
11 En het gebeurde, zodra zij hem zagen, dat zij dertig metgezellen uitkozen,  die bij hem zouden blijven.
12 En Simson zei tegen hen: Laat mij u toch een raadsel opgeven. Als u mij dat binnen de zeven dagen van deze bruiloft goed kunt uitleggen en kunt ontdekken wat het betekent, zal ik u dertig stel onderkleren geven, en dertig stel bovenkleren.
13 Maar als u het mij niet kunt uitleggen, dan moet u míj dertig stel onderkleren en dertig stel bovenkleren geven. Daarop zeiden zij tegen hem: Geef uw raadsel op en laat het ons horen.
14 Hij zei tegen hen: Eten kwam uit de eter, en zoetigheid kwam uit de sterke. En drie dagen lang konden zij het raadsel niet uitleggen.
15 Toen gebeurde het op de zevende dag dat zij tegen de vrouw van Simson zeiden: Haal uw man over om ons het raadsel uit te leggen. Anders zullen wij u en het huis van uw vader met vuur verbranden. Hebt u ons uitgenodigd om ons ons bezit te ontnemen of zo?
16 Toen ging de vrouw van Simson bij hem zitten huilen en zei: Je haat mij alleen maar en houdt niet van mij. Je hebt mijn volksgenoten een raadsel opgegeven en het mij niet uitgelegd. En hij zei tegen haar: Zie, ik heb het mijn vader en mijn moeder niet eens uitgelegd, zou ik het jou dan wel uitleggen?
17 En zij huilde bij hem op de zevende dag dat zij deze maaltijd hadden. Zo gebeurde het op de zevende dag dat hij het haar uitlegde, want zij bleef bij hem aandringen. Vervolgens legde zij het raadsel uit aan haar volksgenoten.
18 Toen zeiden de mannen van de stad tegen hem, op de zevende dag, voordat de zon onderging: Wat is zoeter dan honing? En wat is sterker dan een leeuw? En hij zei tegen hen: Als u niet met mijn kalf had geploegd, zou u de betekenis van mijn raadsel niet hebben ontdekt.
19 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem: hij ging naar de Askelonieten en sloeg dertig man van hen dood. Hij nam hun kleren en gaf een stel daarvan aan elk van hen die het raadsel hadden uitgelegd. Hij was echter in woede ontstoken en keerde weer terug naar het huis van zijn vader.
20 En de vrouw van Simson werd de vrouw van zijn metgezel, die hem vergezeld had.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom