Vrede of zwaard (2)

 

"Want Ik ben gekomen om tweedracht te brengen tussen een man en zijn vader, en tussen een dochter en haar moeder, en tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; en iemands huisgenoten zullen zijn vijanden zijn." (Mattheüs 10:35 en 36)

 

Er zijn mensen die de Bijbel lezen en dit soort teksten zien staan en er dan gelijk van maken dat het Christendom een haatreligie is. Dit soort teksten worden dan uit het verband getrokken en in de media gebruikt om aan te tonen dat geloven in Jezus tot haat en verdeeldheid aanzet. Misschien dat we daarom deze teksten ook vaak maar een beetje laten voor wat het is. Maar juist als gelovige is het wel belangrijk om deze teksten tot je te laten doordringen.

Er zijn een paar dingen waar je op moet letten als Jezus dit zegt. Jezus zegt dat Hij is gekomen om verdeeldheid te brengen, maar Hij zegt niet dat Hij voor deze verdeeldheid is. Hij zegt ook niet dat Hij de aanstichter van verdeeldheid is. Daarnaast zegt Hij ook niet dat wij, als gelovigen, tweedracht moeten stichten met degenen die niet geloven, of met degenen die andere geloofservaringen hebben als wij. Sterker nog, Jezus leert ons als gelovigen dat wij zelfs onze vijanden moeten liefhebben. Wij worden door Jezus juist opgeroepen om iedereen lief te hebben. Jezus zegt ons dat wij juist het heil en de redding van de ander op het oog moeten hebben. Zodra je als gelovige gevoelens van woede krijgt ten opzichte van anderen, dat zit daar nog een groeipunt in wie je in Christus bent.

 

Het gevolg van het geloof in Jezus is wel dat je andere keuzes gaat maken. Je leven richt zich op Jezus en op het leven met Hem. Dat maakt dat je op een andere manier gaat leven en op een andere manier je keuzes zult maken. Je leeft dan meer en meer als een hemelburger op aarde. Maar dat kan ook betekenen dat je andere dingen niet meer doet, waar juist anderen in je omgeving zich aan ergeren. Het gaat niet om keuzes van haat. We zien in de moslimwereld dat als iemand geen moslim is, dat je zo iemand niet hoeft lief te hebben en dat haat zelfs gerechtvaardigd is. Maar juist dàt zegt Jezus niet. Haat bij een gelovige is niet gerechtvaardigd, sterker nog, de enige houding ten op zichte van je naaste is liefde!

 

Juist deze houding blijkt dan wel tot tweedracht en tot vijandschap te kunnen leiden, maar als gelovige reageer je als het goed is niet terug in vijandschap, maar in liefde. De vijandschap is het antwoord dat de ander kan geven op jouw persoonlijke geloof en relatie in Jezus. En gelukkig zal dit niet altijd zo zijn, maar tegelijk beseffen we dat zelfs binnen een christelijk gezin waar een jongere ineens radicaal voor Jezus wil leven, er plotseling onrust ontstaat binnen het gezin en ouders er niet goed mee overweg kunnen. Andersom kan net zo goed, als ouders ineens zien dat hun geloofspraktijk geen volgen van Jezus is en ze zich daarvan bekeren, maar de kinderen hier niet mee overweg kunnen. Als jij afstand creëert dan gaat er iets niet goed, komt er vijandschap op je relatie met Jezus, weet dan dat dit onderdeel kan zijn van je geloof in Jezus.

 

Gebed: Heer, vijandschap is niet iets dat ik wil, maar als ik vijandschap ervaar vanwege mijn relatie met U, leer mij dan toch liefhebben, zelfs als dat moeilijk is, zodat de ander in mij iets van U ziet.

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 14

 

​1 Simson ging naar Timna. En toen hij in Timna een vrouw uit de dochters van de Filistijnen had gezien,
2 ging hij weer terug om het zijn vader en zijn moeder te vertellen. Hij zei: Ik heb in Timna een vrouw gezien uit de dochters van de Filistijnen. Welnu, neem haar voor mij tot vrouw.
3 Maar zijn vader zei tegen hem, evenals zijn moeder: Is er onder de dochters van je broeders en onder heel mijn volk geen vrouw, dat je weggaat om een vrouw te nemen van die onbesneden Filistijnen? Maar Simson zei tegen zijn vader: Neem háár voor mij, want zij is in mijn ogen de juiste.
4 Nu wisten zijn vader en zijn moeder niet dat dit van de HEERE was, dat hij een aanleiding zocht tegen de Filistijnen. Want de Filistijnen heersten in die tijd over Israël.
5 Zo ging Simson met zijn vader en zijn moeder naar Timna. En toen zij bij de wijngaarden van Timna kwamen, zie, een jonge leeuw kwam hem brullend tegemoet.
6 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem, zodat hij hem uiteenscheurde, zoals men een bokje uiteenscheurt, zonder dat hij iets in zijn hand had. Maar hij vertelde zijn vader en moeder niet wat hij gedaan had.
7 Hij ging verder en sprak met de vrouw. En zij was in Simsons ogen de juiste.
8 Toen hij na enkele dagen terugkeerde om haar tot vrouw te nemen, week hij van de weg af om het kadaver van de leeuw te zien. En zie, er zat een bijenzwerm in het lichaam van de leeuw, met honing.
9 Hij nam die honing in zijn handen en liep al etend verder. Hij liep naar zijn vader en zijn moeder en gaf hun er wat van, en zij aten ook. Hij vertelde hun echter niet dat hij de honing uit het lichaam van de leeuw genomen had.
10 Toen ook zijn vader bij de vrouw aangekomen was, richtte Simson daar een maaltijd aan, want zo deden de jongemannen.
11 En het gebeurde, zodra zij hem zagen, dat zij dertig metgezellen uitkozen,  die bij hem zouden blijven.
12 En Simson zei tegen hen: Laat mij u toch een raadsel opgeven. Als u mij dat binnen de zeven dagen van deze bruiloft goed kunt uitleggen en kunt ontdekken wat het betekent, zal ik u dertig stel onderkleren geven, en dertig stel bovenkleren.
13 Maar als u het mij niet kunt uitleggen, dan moet u míj dertig stel onderkleren en dertig stel bovenkleren geven. Daarop zeiden zij tegen hem: Geef uw raadsel op en laat het ons horen.
14 Hij zei tegen hen: Eten kwam uit de eter, en zoetigheid kwam uit de sterke. En drie dagen lang konden zij het raadsel niet uitleggen.
15 Toen gebeurde het op de zevende dag dat zij tegen de vrouw van Simson zeiden: Haal uw man over om ons het raadsel uit te leggen. Anders zullen wij u en het huis van uw vader met vuur verbranden. Hebt u ons uitgenodigd om ons ons bezit te ontnemen of zo?
16 Toen ging de vrouw van Simson bij hem zitten huilen en zei: Je haat mij alleen maar en houdt niet van mij. Je hebt mijn volksgenoten een raadsel opgegeven en het mij niet uitgelegd. En hij zei tegen haar: Zie, ik heb het mijn vader en mijn moeder niet eens uitgelegd, zou ik het jou dan wel uitleggen?
17 En zij huilde bij hem op de zevende dag dat zij deze maaltijd hadden. Zo gebeurde het op de zevende dag dat hij het haar uitlegde, want zij bleef bij hem aandringen. Vervolgens legde zij het raadsel uit aan haar volksgenoten.
18 Toen zeiden de mannen van de stad tegen hem, op de zevende dag, voordat de zon onderging: Wat is zoeter dan honing? En wat is sterker dan een leeuw? En hij zei tegen hen: Als u niet met mijn kalf had geploegd, zou u de betekenis van mijn raadsel niet hebben ontdekt.
19 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem: hij ging naar de Askelonieten en sloeg dertig man van hen dood. Hij nam hun kleren en gaf een stel daarvan aan elk van hen die het raadsel hadden uitgelegd. Hij was echter in woede ontstoken en keerde weer terug naar het huis van zijn vader.
20 En de vrouw van Simson werd de vrouw van zijn metgezel, die hem vergezeld had.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom