Verwachten - Israël

 

"Door het geloof zijn zij door de Rode Zee gegaan als over het droge. Toen de Egyptenaren dat ook probeerden te doen, zijn ze verdronken." (Hebreeën 11:29)

 

Op weg naar het Beloofde Land heeft God ons niet gezegd dat dit altijd makkelijk zal zijn. Jezus heeft nergens tegen ons gezegd dat leven in verwachting van Zijn tweede komst, een periode zou zijn waar wij het makkelijk zouden hebben. Net zoals toen Mozes geroepen werd door God om Israël te verlossen uit de handen van de Egyptenaren en hen terug te brengen in het beloofde land, hij niet de belofte kreeg dat dit altijd makkelijk zou zijn. Sterker nog, er blijken zelfs tijden te zijn dat Israël ging terug verlangen naar de slavernij. En laten we eerlijk zijn, ook wij blijken heel regelmatig momenten te hebben waarin het terugvallen in de slavernij van de zonde, soms erg gemakkelijk kan gebeuren.

De enige reden waardoor onze verwachting uiteindelijk vervuld zal worden is niet ons verwachten, al is dat ook zeker van belang, maar is Gods oneindige trouw en God macht en kracht. Het is eigenlijk in de eerste plaats de vraag of jij je door God wil laten leiden naar het moment dat Jezus gaat terugkomen en of jij met Hem wil wandelen in de woestijn van dit leven. En dan nog belooft God niet dat je geen moeilijkheden zult tegenkomen. Het verschil is alleen dat God elke moeilijkheid met jou zal overwinnen, waardoor je uiteindelijk de vervulling van de verwachting zult ontvangen. Want in geloof zal er uiteindelijk niemand in de woestijn achterblijven.

 

Israël is uiteindelijk door het geloof, door de Rode Zee gegaan. Nergens in de Bijbel staat de maat van het geloof genoemd. Misschien was er helemaal geen geloof op het moment dat Israël voor de zee stond en Mozes daarbij stond en ook even niet meer wist hoe het verder moest. Een leger achter je, bergen naast je en de zee voor je. Het enige dat we van het geloof zien is het moment dat Mozes op bevel van God zijn staf opheft en er een pad in de zee ontstaat. Wellicht heeft de duisternis tussen hen en de Egyptenaren wel hun geloof en hoop vergroot, maar hoe dan ook, je kunt je afvragen hoe groot het geloof was van Israël op het moment dat ze het pad door de zee opgingen. En stel je dan voor dat je de muren van water naast je ziet, waar je tussendoor loopt.

 

God belooft ook niet dat met Hem de moeilijkheden overwinnen, zonder avontuur gaat. God zegt niet dat als Hij jou ergens doorheen leidt, dat dit zonder spanning en strijd gaat. En op die momenten kun je soms het gevoel kunt hebben dat je geloof niet bepaald erg groot is en is het meer met de moed der wanhoop maar volgen in dat kleine beetje geloof dat je er voor kunt vinden. En dan ergens ook nog maar hopen dat het goed komt. Maar door telkens die Rode Zee ervaringen te hebben, wel tot de conclusie te komen dat je God steeds meer leert vertrouwen. En wat die momenten voor jou zijn is persoonlijk, maar durf met God door jouw zee te gaan. Soms op het water en soms er doorheen.

 

Gebed: Heer, ik wil geloven dat U een pad in mijn zee kunt maken, ik wil geloven dat U mij door mijn moeilijkheden heen zult leiden om uiteindelijk Thuis te komen bij U.

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 14

 

​1 Simson ging naar Timna. En toen hij in Timna een vrouw uit de dochters van de Filistijnen had gezien,
2 ging hij weer terug om het zijn vader en zijn moeder te vertellen. Hij zei: Ik heb in Timna een vrouw gezien uit de dochters van de Filistijnen. Welnu, neem haar voor mij tot vrouw.
3 Maar zijn vader zei tegen hem, evenals zijn moeder: Is er onder de dochters van je broeders en onder heel mijn volk geen vrouw, dat je weggaat om een vrouw te nemen van die onbesneden Filistijnen? Maar Simson zei tegen zijn vader: Neem háár voor mij, want zij is in mijn ogen de juiste.
4 Nu wisten zijn vader en zijn moeder niet dat dit van de HEERE was, dat hij een aanleiding zocht tegen de Filistijnen. Want de Filistijnen heersten in die tijd over Israël.
5 Zo ging Simson met zijn vader en zijn moeder naar Timna. En toen zij bij de wijngaarden van Timna kwamen, zie, een jonge leeuw kwam hem brullend tegemoet.
6 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem, zodat hij hem uiteenscheurde, zoals men een bokje uiteenscheurt, zonder dat hij iets in zijn hand had. Maar hij vertelde zijn vader en moeder niet wat hij gedaan had.
7 Hij ging verder en sprak met de vrouw. En zij was in Simsons ogen de juiste.
8 Toen hij na enkele dagen terugkeerde om haar tot vrouw te nemen, week hij van de weg af om het kadaver van de leeuw te zien. En zie, er zat een bijenzwerm in het lichaam van de leeuw, met honing.
9 Hij nam die honing in zijn handen en liep al etend verder. Hij liep naar zijn vader en zijn moeder en gaf hun er wat van, en zij aten ook. Hij vertelde hun echter niet dat hij de honing uit het lichaam van de leeuw genomen had.
10 Toen ook zijn vader bij de vrouw aangekomen was, richtte Simson daar een maaltijd aan, want zo deden de jongemannen.
11 En het gebeurde, zodra zij hem zagen, dat zij dertig metgezellen uitkozen,  die bij hem zouden blijven.
12 En Simson zei tegen hen: Laat mij u toch een raadsel opgeven. Als u mij dat binnen de zeven dagen van deze bruiloft goed kunt uitleggen en kunt ontdekken wat het betekent, zal ik u dertig stel onderkleren geven, en dertig stel bovenkleren.
13 Maar als u het mij niet kunt uitleggen, dan moet u míj dertig stel onderkleren en dertig stel bovenkleren geven. Daarop zeiden zij tegen hem: Geef uw raadsel op en laat het ons horen.
14 Hij zei tegen hen: Eten kwam uit de eter, en zoetigheid kwam uit de sterke. En drie dagen lang konden zij het raadsel niet uitleggen.
15 Toen gebeurde het op de zevende dag dat zij tegen de vrouw van Simson zeiden: Haal uw man over om ons het raadsel uit te leggen. Anders zullen wij u en het huis van uw vader met vuur verbranden. Hebt u ons uitgenodigd om ons ons bezit te ontnemen of zo?
16 Toen ging de vrouw van Simson bij hem zitten huilen en zei: Je haat mij alleen maar en houdt niet van mij. Je hebt mijn volksgenoten een raadsel opgegeven en het mij niet uitgelegd. En hij zei tegen haar: Zie, ik heb het mijn vader en mijn moeder niet eens uitgelegd, zou ik het jou dan wel uitleggen?
17 En zij huilde bij hem op de zevende dag dat zij deze maaltijd hadden. Zo gebeurde het op de zevende dag dat hij het haar uitlegde, want zij bleef bij hem aandringen. Vervolgens legde zij het raadsel uit aan haar volksgenoten.
18 Toen zeiden de mannen van de stad tegen hem, op de zevende dag, voordat de zon onderging: Wat is zoeter dan honing? En wat is sterker dan een leeuw? En hij zei tegen hen: Als u niet met mijn kalf had geploegd, zou u de betekenis van mijn raadsel niet hebben ontdekt.
19 Toen werd de Geest van de HEERE vaardig over hem: hij ging naar de Askelonieten en sloeg dertig man van hen dood. Hij nam hun kleren en gaf een stel daarvan aan elk van hen die het raadsel hadden uitgelegd. Hij was echter in woede ontstoken en keerde weer terug naar het huis van zijn vader.
20 En de vrouw van Simson werd de vrouw van zijn metgezel, die hem vergezeld had.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom