"Wie is zij die daar uit de woestijn komt, als zuilen van rook in een wolk van mirre en wierook, van allerlei geurige kruiden van de koopman?" (Hooglied 3:6)

Wie zou dat daar toch zijn? Nou ja, misschien is dat allemaal wel duidelijk. Het is wat vreemd hoe het verhaal loopt, want de bruid lag eerst in bed, toen leek ze in de stad te zijn, waarbij sommigen denken dat ze dat ook droomde. En dan ineens verandert het verhaal en gaat iemand anders aan het woord komen. Het meest aannemelijke is dat dit de dochters van Jeruzalem zijn. De meisjes in de stad die de bruid en de Bruidegom verwachtten. Het zou kunnen dat de bruid bij haar zoektocht uiteindelijk in de woestijn, buiten de stad terecht was gekomen. In ieder geval komt de bruid uit de woestijn.

Het is een behoorlijke wenteling in het verhaal. Het is alsof ineens de bruiloft er echt bijna is en dat de bruid, getooid en geurend richting haar Bruidegom gaat. Het lijkt het moment te zijn, vlak voor dat ze de stad binnen zal gaan voor de bruiloft. Het zou kunnen dat de Bruidegom er ook bij is, maar dat is dan afhankelijk wie vanaf vers 7 aan het woord is. Het lijkt nu vooral de bruid in de woestijn te zijn. Maar wie kijken er dan toe?

Dat zijn meisjes die zich verheugen in het feest dat er is. Meisjes die zich verheugden dat de Bruidegom en de bruid op het punt van het huwelijk zijn gekomen. Wat een blijdschap en wat een verwondering klinkt er door in die stemmen van die meisjes: "Wie is zij, die daar zo pronkend aankomt?" Ja, dat is dat zwarte meisje waar de Koning voor is gevallen. Hoe kun je dit nu toch plaatsen in het Advent geheel? Is hier wel ooit een geestelijke lijn uit te halen?

Er is Adventsverwachting van de bruid, dat zagen we gisteren al, er is ook Adventsverwachting van de Bruidegom, want Hij wil niet dat de liefde beschadigd wordt. Maar er is nog een Adventsverwachting. Als er nog zijn die intens uitzien naar de Bruiloft van het Lam met Zijn bruid, dan zijn het de engelen in de hemelse gewesten. En hoor eens wat zij roepen op het moment dat de Bruiloft er begint aan te komen? Ze kijken als het ware over de randen van het hemelgewelf heen naar beneden en zien de bruid van Christus bijna klaar zijn voor de Bruiloft. En ze roepen: "Kijk, wie is zij die daar opkomt uit de woestijnen hier beneden, op weg naar het eeuwige Jeruzalem waar de Bruiloft zal beginnen?"

Wie zij is, hemelboden? Zij is de bruid van het Lam, gehaald uit de aarde aards. Zij is de bruid die Christus door Zijn sterven voor Zichzelf heeft geworven. Wat een intens moment is dit beeld dan van het moment dat straks zal beginnen. Als alle dochters van Jeruzalem straks in de poort zullen staan om deze zwarte, maar bekoorlijke vrouw uit de woestijn binnen te halen. Hoe zal dat zijn als alle engelen klaar staan bij de poorten van de hemel om elke gelovige met gejuich binnen te halen als bruid van het Lam.

Gebed: Mijn Liefste, straks zullen de engelen blij zijn als ik mag binnenkomen om Uw bruid te zijn. Het engelenleger zal in gejuich uitbarsten en ik zal het zand van de woestijn nog meenemen, maar U zult mij straks echt trouwen.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Podcast kanaal Eindeloos gelukkig

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu