“Hoeveel te meer, als het volk vandaag maar vrijuit had mogen eten van de buit van zijn vijanden, die het gevonden heeft. Maar nu is de slag onder de Filistijnen niet groot geweest.” (1 Samuël 14:30)

Regels om macht te hebben als leider. Regels waardoor de leider zijn eigen programma begint op te zetten. En het is dan de vraag of dit nog wel Gods programma is. Het is een groot gevaar in de kerk. Het is het gevaar dat het leven vanuit de overwinning van Jezus minder krachtig wordt en dat de vijand meer macht kan krijgen dan hij zou mogen hebben. Het ene moet en het andere mag niet, maar als je die regels spiegelt aan Gods Woord is het duidelijk dat God deze regels niet stelt.

We zagen bij Saul al hoe hij regels stelde omdat hij zich aan zijn vijanden wilde wreken. Niemand mocht eten en ondertussen raakte het hele volk uitgehongerd en bleef er bijna geen kracht meer over om te strijden. Nu heeft Saul hierbij de situatie in zijn voordeel gehad omdat de strijd, niet de strijd was tegen de Filistijnen, maar dat het om het achtervolgen van zijn vijanden ging.

Doordat Jonathan niet in het leger was toen Saul zijn eed afkondigde, at Jonathan wel van de honing en hoewel het volk tegen hem zegt dat dit niet mocht, verbaasd hij zich openlijk. “Kijk eens naar mijn ogen, kijk eens hoe helder deze staan.” Uit het gevolg van het gezonde eten blijkt dat Jonathan juist kracht kreeg om krachtig te zijn in de strijd. Regels zoals Saul die bedacht ontnemen de strijders juist kracht. En dat ziet Jonathan en hij verbindt er ook direct een conclusie aan. Hij stelt ondubbelzinnig: “Als iedereen gegeten zou hebben zoals ik, zou de overwinning veel groter zijn geweest.”

Hij raakt hierbij wel de kern. Hij maakt duidelijk wat het gevolg is van regels, die nergens toe leiden. Regels die gericht zijn op iets in de leider zelf. En uiteindelijk is de enige winnaar de vijand. Jonathan spot hier wel zo ongeveer met zijn leven, terwijl hij dat nog niet beseft. De machtswellust van Saul gaat zelfs zover dat hij zelfs zijn eigen zoon, vanwege zijn eed, zou doden.

Maar dit is wel het gevaar van leiderschap zonder God. Wel bezig zijn met het eigendom van God, maar tegelijk op je eigen manier, het beginnen te zien als jouw eigendom. Alsof Israël, alsof de kerk iets van ons zou zijn. En de uiteindelijke winst ligt bij satan. Hij lacht, als leiders in het vlees eindigen en hij zal het van kwaad tot erger laten gaan. Want als je buiten God om macht en hebzucht voelt, werkt dat helaas verslavend. En hoe meer dit gaat spelen, hoe meer je degenen die onder je staan moet manipuleren om jouw programma te kunnen draaien.

En waar speelt God nog een rol in deze fase van het leven van Saul. Ja, straks nog weer even, maar dat komt niet op uit het initiatief van Saul. Het is dan een priester die God wil raadplegen voordat Saul verder moet gaan. Leiderschap is onmogelijk los te maken van Goddelijke leiding. En zodra dit wel gebeurd, gaat het fout.

Gebed: HERE God, misschien zijn er ook in mijn levens situaties waar ik leiding geef, maar waar het mijn programma is geworden en niet meer het Uwe. De enige die wint is satan. Open mijn ogen waar ik op dit gebied dreig te falen.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Podcast kanaal Eindeloos gelukkig

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu