"Hij trok Zich opnieuw terug op de berg, Hij Zelf alleen. En toen het avond werd, daalden Zijn discipelen af naar de zee." (Johannes 5:15b en 16)

Het laatste gedeelte van vers 15 en daarna vers 16 staan los van elkaar in onze Bijbel. Nadat het volk Jezus tot koning wilde maken vanwege de wonderen, gaat Jezus er tussenuit. Hij gaat alleen de berg op. En de discipelen doen het tegenovergestelde, zij gaan naar de zee. De wegen van Jezus en die van de discipelen scheiden zich na het wonder van het verdelen van het brood. Opmerkelijk detail met grote gevolgen.

Als we er vanuit gaan dat Johannes ook een geestelijke lijn in zijn Evangelie heeft gelegd, dan is dit detail heel bewust opgeschreven, maar door de vertalers en indelers van de Bijbel eigenlijk uit het beeld geraakt. Jezus kiest er eigenlijk voor om geen koning te willen zijn en Hij zoekt Zijn heil in de stilte. Hij zoekt waarschijnlijk de gemeenschap met Zijn Vader.

De andere kant is dat de discipelen teruggaan naar hun oude leven en ze zoeken hun schepen op. Niet om Jezus te verlaten, maar met dat Jezus de stilte opzocht, zochten zij hun schip op. Ik weet niet hoe jij met het Koningschap van Jezus omgaat, maar Jezus zoekt hiervoor de eenzaamheid en de stilte op. Het lijkt hier bijna alsof de discipelen het niet raakt dat het volk iets wil dat Jezus niet wil.

Wij gaan soms heel makkelijk over tot de orde van de dag. Ook als we zien wat Jezus doet. Soms zijn we zo dichtbij Jezus en dan zien we zoveel van Hem, maar als anderen dan iets met Jezus willen wat Hij niet wil, vertrekken wij soms wel heel makkelijk naar onze orde van de dag. En de discipelen komen zichzelf hier tegen. Misschien wilden de discipelen in hun schip alleen maar wachten tot Jezus weer te voorschijn kwam. En met dat ze alleen en zonder Jezus zijn, steekt de storm op.

Nou ja, zo gaat het ook meestal. Op het moment dat wij uit de stilte met God blijven en zonder Jezus zijn, steekt heel vaak de storm op. Storm op allerlei manieren. En als de nood het hoogst is, en je soms lang op Jezus lijkt te moeten wachten, dan blijkt dat Jezus je nood kent, ook al zie jij Hem niet. Want Jezus komt uit de stilte naar de storm op zee toe. En dan blijkt dat er niets is dat Jezus kan tegenhouden, zelfs het water niet, want Hij zet Zijn voeten op het water en komt naar je toe.

En midden in je storm komt Jezus en Hij zegt het je: "Wees niet bang, Ik ben het". De discipelen waren al heel lang aan het ploeteren geweest. Ze hadden zo'n 5 kilometer geroeid. Geploeter, dat was het zonder Jezus. Geploeter als je in de storm zit op de zee van je leven. Maar vandaag zegt Jezus: "Ik heb je al lang gezien, Ik ben er, nu, op dit moment!" Niets houdt Hem tegen om te komen en nooit zal Hij een discipel loslaten.

Gebed: Here Jezus, U ziet al mijn strijd, soms is de storm zo groot en zo zwaar en kom ik niet meer vooruit. Maar ik dank U dat U mijn strijd ziet, zelfs als ik U niet zie. Ik geloof dat U onderweg bent, als ik het nog niet kan zien en ik zie in alle omstandigheden uit naar Uw komst.

 

 

 

 

 

 Bijbelgedeelte bij de laatste
'Tijd met God'

 



1 Petrus 4:1-7

1  Welnu, omdat Christus voor ons in het vlees geleden heeft, moet ook u zich wapenen met dezelfde gedachte: wie in het vlees geleden heeft, is opgehouden met de zonde,
2  om nu, in de tijd die ons nog overblijft in het vlees, niet meer naar de begeerten van mensen, maar naar de wil van God te leven.
3  Want wij hebben de voorgaande tijd van ons leven lang genoeg de wil van de heidenen gedaan en gewandeld in uitingen van losbandigheid, begeerten, dronkenschap, zwelgpartijen, drinkgelagen en allerlei walgelijke afgoderij.
4  Daarbij bevreemdt het hun dat u niet meeloopt in dezelfde uitbarsting van losbandigheid, en zij belasteren u.
5  Maar zij zullen rekenschap moeten afleggen aan Hem Die gereedstaat om de levenden en de doden te oordelen.
6  Want daartoe is aan de doden het Evangelie verkondigd, opdat zij wel geoordeeld werden naar de mens in het vlees, maar ook zouden leven naar God in de geest.
7  En het einde van alle dingen is nabij; wees daarom bezonnen en nuchter in de gebeden.
8  Maar heb voor alles vurige liefde voor elkaar, want de liefde zal een menigte van zonden bedekken.
9  Wees gastvrij voor elkaar, zonder morren.
10  Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God.
11  Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt;als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Eindeloos gelukkig

Eindeloos gelukkig worden begint door te wandelen in de bestemming die God voor jou heeft op aarde om uiteindelijk, door het geloof in Jezus, straks eindeloos gelukkig in de hemel te leven met God. 

Bijbelonderwijs

Om de Bijbel begrijpen willen wij je helpen door de Bijbel op een praktische manier uit te leggen. Het is ook mogelijk om je aan te melden voor een gratis mailabonnement op 'Tijd met God'.

Geloofsopbouw

Bij geloofsopbouw gaat het erom dat je groeit in discipelschap. We geven je handvaten om je geloof echt te leven en we proberen je op allerlei manieren te prikkelen om na te denken over allerlei zaken.

Trainingen

Naast onderwijs via internet geven we ook trainingen op locatie om je als discipel van Jezus toe te rusten. Dit kunnen (s)preekbeurten, korte trainingen of langere trainingen zijn voor verschillende doelgroepen.

Podcast kanaal Eindeloos gelukkig

Recentste 'Tijd met God'

Jij bent een beheerder van de gaven van de Geest

Thema: Eerste brief van Petrus

"Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God." (1 Petrus 4:10)

Als het dan lang genoeg is geweest dat we als heidenen hebben geleefd en het de bedoeling is om vanaf onze bekering en wedergeboorte naar de wil van God te leven, hoe dan? Petrus geeft natuurlijk praktische aanwijzingen genoeg. Gastvrijheid is belangrijk, vurige liefde voor elkaar, liefde die een menigte van zonden zal bedekken en ga zo maar door. Allemaal heel praktisch en zo toepasbaar. Al is dat ook nog lastig genoeg omdat we heel snel weer aan het verdienen dreigen te gaan, in plaats dat het echt uit dankbaarheid leven is. Toch is er even één ding waar ik speciaal de vinger bij wil leggen. Petrus zegt: "Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft, als goede beheerders van de veelsoortige genade van God". 

We moeten de ander dienen, maar waarmee? Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met het beste dat wij hebben, of dat wij de ander moeten dienen met dat wat we in ons karakter hebben meegekregen, maar Petrus zegt dat de anderen moeten dienen met de genadegave die ons is gegeven. Het woord dat hij hier gebruikt voor 'genadegave' is het Griekse woord 'charisma'. In dat woord zit ook het woord 'charis' dat we vertalen met 'genade'. Het gaat dus om genadegaven van God. Petrus zegt dus niet dat we de ander moeten dienen met iets van onszelf, maar hij zegt dat wij de ander moeten dienen met genadegaven van God. Je voelt hem natuurlijk al aankomen dat het hier om de gaven van de Geest gaat. Ook Paulus gebruikt ditzelfde woord ook in de bekende hoofdstukken uit de Romeinenbrief en uit de Korinthebrief.

Dat maakt gelijk duidelijk dat de gaven van de Geest dus niet iets zijn voor jezelf, maar het zijn gaven die je krijgt om anderen te dienen. Wij zijn heel erg geneigd om ons leven als gelovige te richten op wat wij er aan hebben. Je komt veel mensen tegen die op zondag in de kerk zitten om daar iets te ontvangen, maar het principe van het Koninkrijk is dat we uitdelen van wat we ontvangen hebben. Als het dan gaat over de gaven van de Geest die wij moeten gebruiken om de anderen te dienen, dan zegt Petrus daarbij dat we dit moeten doen als goede beheerder van de veelsoortige genade van God.

De gaven van de Geest zijn onderdeel van de veelsoortige genade van God. Dat in de eerste plaats. Maar wij worden ook aangesteld als beheerders van die genadegaven. Een beheerder zorgt goed voor dat wat aan zijn zorgen is toevertrouwd. Nu geeft God ons de gaven van Zijn Geest, maar daarbij ligt er een hele grote verantwoordelijkheid bij ons. Wat doe jij met de gaven die de Geest je geeft? Zorg je er goed voor? Of zorgen we er voor dat door ons gedrag, de gaven juist niet meer aan onze zorgen worden toevertrouwd, omdat we er niets mee doen? Het is Gods verlangen dat we de anderen er mee dienen en er ook zuinig op zijn. Dat betekent niet dat je uit angst niets moet doen, maar het betekent ook dat je er bewust mee bezig moet zijn en de ander mag het ontvangen. En dan loopt het uit op dat God wordt verheerlijkt en Christus alle heerlijkheid en eer toekomt.

Gebed: Heer, dank U voor Uw gaven en ik wil er zorgvuldig en goed mee omgaan om de anderen te dienen en U te eren.

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom.
IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

© 2019 Eindeloos gelukkig - All Rights Reserved | Hosted by www.sth.nu