Jezus is... Knecht

 

"Zie, Mijn Knecht, Die Ik ondersteun, Mijn Uitverkorene, in Wie Mijn ziel een welbehagen heeft; Ik heb Mijn Geest op Hem gelegd. Hij zal tot de heidenvolken het recht doen uitgaan. Hij zal niet schreeuwen, Hij zal Zijn stem niet verheffen, Hij zal Zijn stem op straat niet laten horen." (Jesaja 42:1 en 2)

 

Soms loop je tegen schijnbare tegenstellingen aan in de Bijbel waarvan je denkt: "Dit kan toch eigenlijk niet?" Als je in het Oude Testament, en zeker bij Jesaja leest over de beloften van de komende Messias, dan wordt Jezus nogal eens de Knecht genoemd. God Zelf noemt Hem meerdere keren de Knecht. En dat krijg je gewoon niet pas met al die andere dingen die we van Jezus hebben overdacht. Hoe kan Jezus nu een Knecht van God zijn, terwijl Hij ook God Zelf is en zelfs Schepper is?

 

 

 

Aan de ene kant heeft het te maken met de begrippenwereld van het Oude Testament. Men dacht heel sterk vanuit een grote Koning David en niet direct aan God Zelf. En we zien vaker in het Oude Testament dat God aansluit bij dat wat met kon begrijpen. Termen als 'zon sta stil' en de 'wateren onder de aarde' slaan natuurlijk nergens op in onze ogen. Want de zon staat altijd stil en de aarde draait er omheen en de wereld is geen verzameling van eilanden op het water, zoals men vroeger dacht. Toch sloot God wel aan bij het wereldbeeld van toen.

 

Maar er is nog iets. Jezus is de Knecht. Niet dat Hij dan dus geen God meer is, maar in de term 'knecht' zit enerzijds het dienende van Jezus. Jezus ging voor Zijn Vader! Daar zit de houding van een knecht in. Maar het diepere antwoord op de deze vraag zit in, onder andere, vers 2. En opmerkelijk dat in Jesaja 52 en 53 ook over de Knecht wordt gesproken en dat daarbij ook dezelfde woorden voorkomen.

Wat staat er in vers 2? Hij zal niet schreeuwen en Hij zal Zijn stem niet verheffen. Dit lezen we ook in Jesaja 53. Als een lam wordt Hij naar de slachtbank gebracht, maar Hij, de Knecht, doet Zijn mond niet open. Wat doet een knecht? Die doet precies dat wat zijn heer vroeg. En wat had God gevraagd aan Jezus? Hij had iemand gevraagd die zou gaan lijden voor de mensen op aarde om de relatie tussen Hem en de mensen te herstellen. En toen zei Jezus: "Ik zal gaan."

 

Jezus wist wat Hem zou overkomen en toen Hem dit overkwam, heeft Hij Zich niet verzet! Waarom niet? Omdat dit bij Zijn opdracht hoorde. Hij handelde dus als een knecht en het lijden hoorde bij Zijn taak. Dit is de houding van een knecht en daarom is Jezus ook de Knecht. Vooral in Zijn zwijgen, want ondanks dat het onrecht was, was het bij Zijn Vader vandaan wel dat wat Zijn opdracht was. Zo ging Jezus als Knecht. Paulus noemt het later dat Hij ging als slaaf en dat Hij Zijn Godheid heeft willen loslaten omwille van Zijn opdracht! Jezus is gekomen om Zijn Vader en jou te dienen als een Knecht. Hij ging het lijden niet uit de weg en verzette Zich ook niet, zodat wij weer hersteld worden in de relatie met de Vader.

Gebed: Jezus, ik aanbid U omdat U als Knecht kwam naar deze aarde. U onderging alles zonder tegenspreken als een gehoorzame Knecht. Ik wil U ook hierin gehoorzamen om gewillig te doen wat U van mij vraagt!

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom