Gestorven aan de zonde

 

"Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade toeneemt? Volstreks niet! Hoe zullen wij, die aan de zonde gestorven zijn, nog daarin leven? (Romeinen 6:1 en 2)

 

Als dan de genade alleen maar groter wordt in onze ogen doordat we meer zonden zien, dan kunnen we toch ook zeggen dat we beter maar meer zonden kunnen gaan doen, want dan wordt de genade nog groter. Dat is toch geen vreemde gedachte? Van hoe meer we verlost worden, hoe meer we ons verwonderen. En ik kom soms mensen tegen die echt zo denken, die hebben het niet meer over zonden, want alles is toch vergeven. En natuurlijk, vanuit de God zijn we vergeven, maar tegelijk kan er geen zonden bestaan in ons leven, zonder dat het onze relatie met God zal schaden. En daarbij komt er nog iets bij: Het kan helemaal niet, dat je meer wilt zondigen. 

Paulus is soms behoorlijk duidelijk en radicaal, maar in de brief aan de gemeente van Rome neemt hij meerdere keren een uitspraak in zijn mond die er niet om liegt. En dat gaat telkens over een opmerking waarin hij veronderstelt dat we makkelijk zouden mogen zondigen. Als er één ding is dat voor Paulus duidelijk is, is dat we makkelijker zouden kunnen zondigen als we onder de genade zijn, een grote dwaling is! Het is volstrekt niet mogelijk. Kan het niet dan? Met onze wil kunnen we allemaal besluiten nemen, ook verkeerde, maar Paulus zet hier een lijn in die er niet om liegt!

 

Op het moment dat genade in ons leven is gekomen, dan gebeurt er iets met de macht van de zonde. Wat gebeurt er door de genade? De dood van Jezus wordt mijn dood. Mijn zondige ik sterft in Jezus' dood. En daarmee zijn we aan de zonde gestorven. Wij zijn door voor de zonde op het moment dat Jezus leven in jouw leven is gekomen. Eigenlijk zorgt geloof in Jezus ervoor dat je gedoopt bent in de dood van Jezus. Vanaf het moment dat de genade in je leven is gekomen, ben je opnieuw geboren en is het oude gestorven. Maar op het moment dat je ook met Jezus bent gestorven, is ook Zijn opstanding een feit. Op dat moment ben je opgestaan in een nieuw leven! In het leven van Jezus.

 

En hoe zou het dan kunnen dat je nog kan zeggen: Ik ga nu maar eens meer zondigen, want dan wordt de genade alleen maar groter? Het is een dwaasheid, een dwaling van het grootste formaat. Je bent gestorven met Jezus, jouw zondige bestaan is aan het kruis gegaan! Die natuur van jou die zonde was is gestorven omdat Jezus zonde voor jou is geworden. En hoe kun je dan nog gewoon in de zonde blijven leven? Ik wil het je maar heel concreet vragen: Als jij nog telkens makkelijk blijft zondigen, hoe kan dat? Nee, ik zeg niet dat we volmaakt kunnen leven, maar als dood bent voor de zonde, hoe kun je dan toch voor die oude vijand blijven kiezen? Dat kan niet, dat mag ook niet! Hoe kun je leven, in een leven van de dood, terwijl jij geen onderdeel meer bent dan dat leven? Of je kent geen genade, of je begrijpt nog niet wat genade heeft gedaan.

 

Gebed: Vader, ik ben gestorven aan de zonde, halleluja. Die vijand van dood en verderf, die vloek daar ben ik geen onderdeel meer van en daarom kan ik onmogelijk in de zonden blijven liggen. Het kan niet eens meer en ik wil het ook niet meer. Ik leef in Jezus!