Volharding om te leren hopen

 

"En dat niet alleen, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, omdat wij weten dat de verdrukking volharding teweegbrengt, en de volharding ondervinding en de ondervinding hoop. (Romeinen 5:3 en 4)

 

Pasgeleden zei iemand tegen mij dat het niet klopt als je in het Koninkrijk werkt dat je vaak twee stappen vooruit gaat en dan weer eentje terug. Het zou zo horen te zijn dat je altijd met drie stappen vooruit gaat. Het klinkt allemaal heel erg mooi, maar ondanks de bijzonder grote dingen die ik in Gods Koninkrijk meemaak, kan ik niet zeggen dat het altijd vooruit gaat, voor mijn gevoel. En de bijzondere tekenen en wonderen van God, waar ik regelmatig heel dichtbij sta, zijn heel mooi, maar de tegenstand is er ook, zeker als je vormen en tradities wil doorbreken om echt het Woord de eerste plaats te geven.

Paulus maakt ons na de vrede en de toegang wel duidelijk dat er ook verdrukking is en dat deze heel belangrijk is. "Want", zegt hij, "de verdrukking werkt uiteindelijk volharding uit." Ik weet niet hoe het jou vergaat in Gods Koninkrijk, maar mijn verlangen tot Gods Koninkrijk en mijn liefde voor God is zo groot, dat als dingen die je opbouwt, weer achter je rug worden afgebroken, dat ik met nog meer volharding opnieuw begin. En weet je waarom? Heel eenvoudig: het gaat om Gods heerlijkheid en glorie. Het geloof in Jezus maakt toch dat je het onmogelijk kan toestaan dat Zijn werk niet door zou gaan?

 

Iemand zei pas tegen mij: "Als ik voor jou bid, zie ik een beeld van een man die tegen de stroom inzwemt, maar toch blijft doorgaan." Moet je met zo'n, misschien wel profetisch beeld, zo blij zijn dan? Dan ontbreekt de rust toch en overheersen de teleurstellingen? Tenminste, dat dacht ik wel even. Maar toch, als je dan over deze woorden van Paulus doordenkt en ook beseft welke onmogelijke wegen hij moest gaan en wat hij heeft gehad aan tegenslag en nog veel erger dan dat, hij hield het nooit voor gezien. Omwille van zijn Koning bleef hij doorgaan. De liefde tot Jezus is sterker dan alle tegenslag en vervolging. 

 

Het is vanuit het Grieks duidelijk dat de vervolging die Paulus hier noemt een vervolging is die van buitenaf komt. En juist die vervolging werkt volharding en als je dan uit ondervinding ziet, ervaart en voelt hoe God daarin meekomt en in die situaties erbij is en verder helpt, dan kom je hoe dan ook altijd bij de hoop uit. En soms raak je het geloof in situaties echt wel kwijt, maar het kan voor je geloof gewoon niet zo zijn dat God Zijn werk loslaat en daarom kun je ook het bijltje er niet bij neergooien.

 

En echt, ik wil je vragen om God de ruimte te geven in jouw omstandigheden waarin Hij kan laten zien dat als jij volhardt, dat Hij je laat ondervinden dat jij mag hopen op doorbraken in jouw situaties. En hoe vaker jij gaat ervaren dat door vol te houden God je laat ondervinden dat Hij daar doorheen Zijn zegen geeft, hoe groter je hoop wordt die Hij nooit zal beschamen.

 

Gebed: Vader, leert U mij steeds meer volharden, juist ook als er vervolging en tegenslag is, zodat ik steeds meer zal ondervinden dat mijn hoop op U nooit beschamen zal!

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom