Gods oordeel is definitief

 

"En u, o mens, die hen oordeelt die zulke dingen doen, en ze zelf ook doet, denkt u dat u aan het oordeel van God zult ontkomen?" (Romeinen 2:3)

 

Ooit zei iemand tegen mij dat ik diegene had gekwetst omdat ik had gezegd dat als iedereen niet gelooft, uiteindelijk in de hel terecht zou komen. Ik mocht dat zo niet zeggen, want daardoor veroordeelde ik mensen. Ik veroordeelde degenen die niet geloven en daarmee kwets ik mensen. Wellicht denk je: mag je dan nog wel iets zeggen? Dat is inderdaad de vraag, want tot in de kerk toe, mag je van alles zeggen, als je maar niet zegt dat iemand die niet gelooft onder het oordeel terecht komt. Er is een bepaalde stroming binnen de kerk die uit wil gaan van Gods liefde en daar hoort geen veroordeling meer bij. Dan gebruikt Paulus wel hele heftige woorden. Zeker in de eerste hoofdstukken van de brief aan de gemeente in Rome.

 

 

De woorden waarmee Paulus vervolgt zijn het wel waard om te overdenken. Nog steeds komt Gods reddingsplan niet in beeld bij Paulus, maar dat is ook nog even niet nodig. Het besef dat er echt redding nodig is moet eerst nog groeien. En hoewel wij wellicht tegen elkaar kunnen zeggen dat dit besef er is, is het nu toch nog even belangrijk om hier bij stil te blijven staan.

 

Als we andere mensen oordelen over dezelfde dingen als die we zelf doen, dan heeft dat nogal wat gevolgen. En neem even de situatie voor je van iemand die niet in Jezus gelooft als zijn persoonlijke Redder. Misschien is dat zelfs een lezer bij deze dagelijkse stukjes, misschien is het je collega of klasgenoot. Paulus zegt als het over de dingen gaat, waarvan we weten dat het eigenlijk niet goed is. Want hij eindigde in hoofdstuk 1 met de woorden: "Zij kennen het recht van God, namelijk dat degenen die zulke dingen doen, de dood verdienen. Ieder mens weet wat mag en wat niet mag.

 

Het maakt niet uit of je de wet van God kent of niet kent, iedereen weet dat liegen niet goed is, iedereen weet dat een moord echt niet kan. En zo kunnen we nog wel even doorgaan. En dat besef maakt dat iedereen weet dat wat zonde is. En wie denkt er dan aan het oordeel van God te kunnen ontkomen? Dat is onmogelijk, daar kun je dan dus nooit meer aan ontkomen. Als God, God is, dan is de minste zonde al te groot om voor een heilig God te blijven bestaan.

 

Wie denkt er dat hij zomaar aan het oordeel van God kan ontkomen. Ik kom mensen tegen die zeggen tegen mij: "Misschien valt het straks allemaal best wel mee, God is toch liefde?" Op grond van Gods Woord zeg ik je: "Het zal niet meevallen, vreselijk is het om te vallen in de handen van de levende God!" Kwetsen we daarmee mensen? Kwetst Paulus daarmee mensen? Totaal niet! Het enige is dat dit Gods waarheid is over ieder mens, die zonder redding leeft. Niemand uitgezonderd zal straks in het oordeel vallen als het tussen hem of haar niet recht is gezet met God. En misschien geldt dit jou allemaal niet, maar vertel het dan aan alle mensen! Vertel het ze dat het oordeel onontkoombaar is als ze niet in Jezus geloven.

 

Gebed: Heilige God, ik ben stil voor Uw aangezicht. U verdraagt geen zonde, geen ongerechtigheid. Zonder vergeving is er geen leven met U mogelijk. Dat vertel ik alle mensen!

 

Ben je al geabonneerd op onze maandelijkse nieuwsbrief? Klik hier om je aan te melden.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Lukas 22:1-13

​1 Het  Feest nu van de ongezuurde broden, dat Pascha heet, was nabij.
2  En de overpriesters en de schriftgeleerden zochten naar een manier om Hem om te brengen, want zij waren bevreesd voor het volk.
3  Toen voer de satan in Judas, die de bijnaam Iskariot had, die bij het getal van de twaalf behoorde.
4 En hij ging weg en sprak met de overpriesters en bevelhebbers van de tempelwacht hoe hij Hem aan hen zou overleveren.
5 En zij verblijdden zich en kwamen overeen hem geld te geven.
6 En hij stemde erin toe en zocht een geschikte gelegenheid om Hem, buiten de menigte om, aan hen over te leveren.
7  De dag van de ongezuurde broden brak aan, waarop men het Pascha moest slachten.
8 En Hij stuurde Petrus en Johannes eropuit en zei: Ga heen, maak voor ons het Pascha gereed, zodat wij het kunnen eten.
9 Zij zeiden dan tegen Hem: Waar wilt U dat wij het gereedmaken?
10 En Hij zei tegen hen: Zie, als u de stad binnengaat, zal iemand u tegemoetkomen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat.
11 En u zult tegen de heer des huizes zeggen: De Meester zegt u: Waar is de eetzaal waar Ik het Pascha met Mijn discipelen eten zal?
12 En hij zal u een grote bovenzaal wijzen, die volledig is ingericht. Maak het daar gereed.
13 Zij nu gingen weg en vonden het zoals Hij hun gezegd had; en ze maakten het Pascha gereed.

 

 

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom