Onbegrijpelijk!

 

"Waarom aanschouwt U wie trouweloos handelen, zwijgt U, wanneer een goddeloze hem verslindt die rechtvaardiger is dan hijzelf?" (Habakuk 1:13b)

 

Je zou nog eens een keer wat aan God vragen. Dan kom je met alle ellende die je om je heen ziet bij God en dan komt er een antwoord dat je liever niet had willen horen. Je zou met je klacht bij God komen dat de kerk zo lauw is en dat er maar een paar mensen met echt passie voor God zijn en je zou vragen of God dat dan niet ziet. En zelfs als gelovige word je aan de kant gezet door de rest en dan zegt God: Ik stuur Moslims op de kerk af met de agressie van IS en er zal niets meer overblijven van de kerk.

Dat klinkt wel heel bizar als je het zo ziet, maar toch is dat het antwoord van God aan Habakuk. God heeft alles gezien en gaat inderdaad ingrijpen. God laat niet alles zomaar gebeuren. Laten we dat echt serieus beseffen. Als we om ons heen kijken en een kerk zien die zo meegaat met de massa en niet meer echt voor Jezus wil gaan. En die kerk dat zijn wij, dat ben jij en dat ben ik. Het is goed om dat even echt te beseffen. Gods waarschuwingen zijn er niet voor niet, ook het boekje Habakuk is niet voor niets opgenomen in het Bijbel.

 

En als Habakuk het dan heeft gezien wel werk God gaat doen dan stelt hij de vraag precies andersom. Eerst vroeg hij of God wilde ingrijpen, maar als God eenmaal gaat ingrijpen dan lijkt het ook maar weer niet zo hard te hoeven gaan zoals God nu gaat ingrijpen. En de reactie van Habakuk is ook heel begrijpelijk. Want dit bedoelde hij niet. 

 

En de vraag die Habakuk stelt is niet zo vreemd. Hij vraagt zich af waarom God dan een goddeloos volk gaat inzetten dat nog goddelozer is dan de goddeloosheid van Juda. Dit is toch niet te begrijpen? Habakuk probeert op allerlei manieren de vraag te stellen, zo onbegrijpelijk is dit voor hem.

 

En begrijp jij als gelovige wel altijd Gods weg? Waarom een negatieve weg, in onze ogen, terwijl alles al negatief is? God gaat soms een weg en doet een werk dat wij echt niet begrijpen. Heel het begin van het boekje Habakuk zorgt voor alleen maar vragen. En misschien krijg je zelfs het gevoel dat het alleen maar somber is. Maar laten we eerlijk zijn, dit gevoel mag er ook echt wel even zijn. Soms voel je je heel alleen te midden van alles dat niet gaat zoals God het zou willen, soms midden in een kerk die niet aan haar roeping voldoet. En dan lijkt het wel of God het nog erger maakt ook. 

 

Durven wij dan net als Habakuk dit uit te roepen? Durven wij dit zo tegen God te zeggen? Het lijkt wel of God er een spel mee speelt, net als vissen die gevangen worden om om te komen. Ook dit hoort bij geloven. We benadrukken dat niet zo graag, maar laten we dit vandaag maar een keer doen. Maar wel om bij Gods doel straks uit te komen.

 

Gebed: HEERE, U begrijp ik soms echt niet. Soms grijpt U niet in en de volgende keer op een manier die ik niet begrijp. Legt U eens uit wat U bedoelt en waarom U het doet. Of helpt U mij om de goede kant op te kijken in al het onbegrijpelijke.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom