Ook een hoer kan geloven

 

"Daarna stuurde Jozua, de zoon van Nun, er vanuit Sittim in het geheim twee mannen als verkenners op uit, en zei: Ga op weg, bekijk het land en Jericho. Zij gingen en kwamen in het huis van een vrouw, een hoer, van wie de naam Rachab was, en zij sliepen daar." (Jozua 2:1)

 

Jozua stuurt direct nadat God hem bemoedigde en aanspoorde en nadat hij de beambten vertelde wat de bedoeling was, verspieders het land in om te kijken waar de vijand het sterkst is, en hoe de steden eruit zien. En met dat verspieden van het vijandige gebied had Jozua zelf wel ervaring en toen liep het verkeerd af vanwege het ongeloof van anderen. Toch begint Jozua weer opnieuw. Maar er gebeurt dan iets wat eigenlijk onbegrijpelijk is. Want die verspieders gaan dan ergens binnen, waar wij misschien liever een deur verder gaan. Ze gaan bij Rachab naar binnen. Bij een hoer.

Als je er over nadenkt, kunnen we ons wel afvragen hoe dit kon. Mochten ze hier wel binnengaan? Je kunt als christen toch niet in het huis van een hoer binnengaan? En dat deden deze verspieders dus wel. Met z'n tweeën gaan ze naar binnen. Of het inderdaad zo opmerkelijk is, valt nog te bezien. Wellicht heeft deze vrouw een soort herberg gehad en had ze daarnaast haar lucratieve handel nog als hoer van de stad. Dan is het dus niet zo vreemd. Maar een vraag die hiermee wel op begint te komen is deze: kan iemand die een hoer is, ook een gelovige zijn? En natuurlijk was dit voor deze verspieders geen vraag, want daar waren ze niet mee bezig, maarop het moment dat de tijd in Jericho vordert, blijkt dat het huis waar ze zijn binnengegaan, het huis van een gelovige vrouw te zijn.

 

En dan wordt de vraag wel lastig. De schrijver van de Hebreeënbrief heeft het zelfs over: "door het geloof heeft Rachab de hoer...". En dat is in het 11e hoofdstuk van die brief toch echt geloof dat zaligmakend is. Deze vrouw, die we dus eigenlijk snel voorbij zouden lopen, komen we straks in de hemel tegen, ondanks dat ze een hoer was. En de keuze die ze maakte om deze verspieders te verbergen, kwam voort uit geloof. Rachab is degene die Israël helpt om de eerste stap te zetten in het beloofde land, ondanks dat ze een hoer is.

 

Ik geloof dat we als kerken in Nederland heel vaak met ons oordeel klaarstaan en daardoor missen we soms de boot. En natuurlijk wisten deze verspieders van niets en waren ze hier niet mee bezig, maar dit is wel een punt: durven wij te geloven dat Jezus ook, en misschien wel vooral, de Zaligmaker is van hoeren? Aan de ene kant houden we in de kerken heel veel zonden aan de hand en aan de andere kant veroordelen we anderen. En deze vrouw is het bewijs dat zonde, die als zonde echt en absoluut te veroordelen is, voor God geen belemmering vormt. Gods genade is veel groter en is nu de eerste stap naar de overwinning.

 

Gebed: Vader, ergens begrijp ik het gewoon niet. Een vrouw, die een hoer is, is tegelijk ook Uw kind en U gebruikt haar ook nog eens. Wat moet ik zeggen, behalve dat ik niet hoef te oordelen, maar juist ook die groepen die door de samenleving afgewezen zijn, te aanvaarden als mens zoals alle andere mensen. Ga Uw plan, ook met hen.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom