Door God aangesteld

 

"Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer gegeven om Hogepriester te worden, maar Hij Die tot Hem heeft gesproken: U bent Mijn Zoon, heden heb Ik U verwekt." (Hebreeën 5:5)

 

Waar zullen we vandaag de nadruk eens op leggen als het gaat over het feit dat Jezus Zichzelf gaf om voor jou je Hogepriester te worden? Want dat Jezus dit deed is en blijft onbegrijpelijk als we het vanuit onszelf bekijken. En we kunnen heel bijzonder stilstaan bij het feit dat Jezus Zichzelf zo offerde. Want dan moet je toch wel veel voor de ander over hebben om jezelf letterlijk te offeren. Wat een keus van Jezus om Hogepriester te worden.

Maar helaas, deze gedachte gaat vandaag niet op. Sterker nog, dat zou zelfs onbijbels zijn. Een hogepriester is niet iemand die zichzelf hogepriester maakte. Aäron werd ook geen hogepriester omdat hij daarvoor had gekozen. Aäron heeft deze eer niet zelf gezocht. En Jezus heeft wel gezegd dat Hij naar de aarde zou gaan. In de eeuwigheid is dit al besloten. Maar dat Hij als Hogepriester Zichzelf zou offeren is, ondanks dat Jezus het er Zelf mee eens was, door de Vader Zelf besloten.

 

En dat blijkt uit deze tekst die een citaat is uit Psalm 2. En eigenlijk is dat een aparte tekst. Want God heeft namelijk van Jezus gezegd: "Ik heb U verwekt." God de Vader heeft naar de mensheid gekeken, of eigenlijk heeft Hij naar jou gekeken en Hij dacht: Dit gaat zo nooit goed komen. Ik kam maar één ding doen met deze mensen en dat is hen verloren laten gaan. En toch was dat niet Gods wil en bedoeling. Dat was in de eeuwigheid, voordat de zonde er was Gods bedoeling al niet. God heeft altijd gewild dat de mensen ondanks de zonden toch gered konden worden. En toen het Zijn tijd was in onze tijd heeft Hij ervoor gekozen om Zijn Zoon niet alleen God meer te laten zijn. God heeft het meest bizarre besluit genomen in Zijn eeuwige bestaan: God heeft ervoor gekozen om Zijn Zoon een lichaam op aarde te geven om Hem daar Hogepriester te maken om ons verzoening te schenken.

 

God de Vader heeft de Zoon op aarde verwekt. Dat was een actie van God Zelf. Hoe vreemd is dit eigenlijk. Een God Die Zijn Godheid ten dele loslaat en mens wordt. Jezus werd verwekt door Zijn Vader. Hij gaf Hem een menselijk lichaam en zo ging Hij naar de aarde. En net zoals Aäron de opdracht van God kreeg om hogepriester te worden, zo is doordat God de Zoon verwekte, ook Jezus op aarde door God Zelf aangesteld om Hogepriester te worden.

 

En daarom is het volkomen veilig om op Jezus werk te vertrouwen. Omdat de Vader Hem als Hogepriester heeft aangesteld. En dit werk zal God nooit afwijzen. Iedereen die het Heilige der Heilige binnenkwam zou sterven, maar de hogepriester die door God is aangesteld niet. Jezus offer zal God volkomen aanvaarden, omdat Hij slechts doet wat God Hem opdroeg. Het is daarom echt volbracht door Hem en de Vader is er tevreden mee.

 

Gebed: Vader, ik dank U dat U Uw Zoon aanstelde tot Hogepriester voor mijn zonden. Daarom is het genoeg wat Jezus voor mij deed en zult U Hem aanvaarden met Zijn offer voor mij. Ik geloof dat U in mij geen zonden meer ziet.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Tweets Theo de Koning @TJD_de_Koning

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 15

 

1 En het gebeurde na enkele dagen, in de dagen van de tarweoogst, dat Simson zijn vrouw bezocht met een geitenbokje. En hij zei: Laat mij bij mijn vrouw de kamer binnengaan. Haar vader stond hem echter niet toe om naar binnen te gaan.
2 Want haar vader zei: Ik dacht  werkelijk dat je haar zeer haatte. Daarom heb ik haar aan je metgezel gegeven. Is haar jongste zuster niet knapper dan zij? Laat zij toch in haar plaats voor jou zijn.
3 Toen zei Simson tegen hen: Ik ben deze keer onschuldig tegenover de Filistijnen, als ik hun kwaad doe.
4 En Simson ging op weg en ving driehonderd vossen. Hij nam fakkels, keerde staart aan staart en maakte in het midden tussen elke twee staarten een fakkel vast.
5 Hij stak de fakkels aan  en liet ze door het staande koren van de Filistijnen lopen. Zo stak hij zowel de korenhopen als het staande koren in brand, alsook de wijngaarden en olijfbomen.
6 Toen zeiden de Filistijnen: Wie heeft dit gedaan? En men zei: Simson, de schoonzoon van de man uit Timna, omdat die zijn vrouw genomen en haar aan zijn metgezel gegeven heeft. Toen trokken de Filistijnen daarheen en verbrandden haar en haar vader met vuur.
7 Daarop zei Simson tegen hen: Als u zo doet, zeker, dan zal ik me op u wreken, en pas daarna ophouden.
8 En hij sloeg hun met een grote slag de botten stuk.  Daarna vertrok hij en ging in een kloof van de rots Etam wonen.
9 Toen trokken de Filistijnen op, sloegen hun kamp op tegen Juda en verspreidden zich in Lechi.
10 En de mannen van Juda zeiden: Waarom bent u tegen ons opgetrokken? En zij antwoordden: Wij zijn opgetrokken om Simson te binden, om met hem te doen, zoals hij met ons heeft gedaan.
11 Daarop kwamen drieduizend man uit Juda naar de kloof van de rots Etam en zij zeiden tegen Simson: Wist u niet dat de Filistijnen over ons heersen? Waarom hebt u ons dit dan aangedaan? Maar hij zei tegen hen: Zoals zij bij mij gedaan hebben, zo heb ik bij hen gedaan.
12 En zij zeiden tegen hem: Wij zijn gekomen om u te binden en over te leveren in de hand van de Filistijnen. En Simson zei tegen hen: Zweer mij dat ú mij niet zult doodsteken.
13 Daarop zeiden zij tegen hem: Nee, wij zullen u namelijk alleen binden en u in hun hand overleveren. Doden zullen wij u echter zeker niet. En zij bonden hem vast met twee nieuwe touwen en voerden hem mee van de rots.
14 Toen hij bij Lechi kwam, kwamen de Filistijnen hem juichend tegemoet. Maar de Geest van de HEERE werd vaardig over hem, en de touwen die om zijn armen zaten, werden als vlas dat door het vuur verbrand is. En zijn boeien vielen zomaar van zijn handen. 
15 En hij vond een verse ezelskaak. Hij stak zijn hand uit, nam die en sloeg er duizend man mee dood.
16 Toen zei Simson:
   Met een ezelskaak heb ik één hoop, twee hopen,
      met een ezelskaak heb ik duizend man doodgeslagen.
17 En het gebeurde, zodra hij uitgesproken was, dat hij de kaak uit zijn hand wierp; en hij noemde die plaats Ramath-Lechi. 
18 Maar toen hij hevig dorst kreeg, riep hij tot de HEERE en zei: Ú hebt door de hand van Uw dienaar deze grote verlossing gegeven. Zou ik dan nu van dorst sterven en in de hand van deze  onbesnedenen vallen?
19 Toen kloofde God de holte die er in Lechi is, en er kwam water uit. Hij dronk en daarop kwam zijn geest weer terug en leefde hij op. Daarom gaf hij hem de naam Bron van de roepende, die tot op deze dag in Lechi is.
20 En hij gaf leiding aan Israël in de dagen van de Filistijnen, twintig jaar lang.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom