Verlost na uitgeteerd te zijn

 

"De HEERE bewaart de eenvoudigen; ik was uitgeteerd, maar Hij heeft mij verlost." (Psalm 116:6)

 

Wat de dichter van psalm 116 heeft meegemaakt, weten we niet precies, maar dat het meer dan erg is geweest is wel duidelijk. En toch zou het kunnen dat in de woorden van deze psalm ook woorden van herkenning zitten. Dat kan in mindere mate zijn, maar ergens is herkenning niet vreemd. Soms komt de dood zo dichtbij, letterlijk of figuurlijk, maar soms ook in je geestelijke beleving dat de angst om je hart slaat. Als we bedenken hoe Jezus deze psalm ook zong, vlak voor Zijn kruisiging, dan is de noodschreeuw in de psalm wel te begrijpen.

 

De psalmdichter heeft waarschijnlijk te maken gehad met veel vijanden. Waarschijnlijk was het zo erg dat hij bang was om elk moment om te komen. En toen heeft hij geroepen. Hij riep, terwijl hij wist dat de HEERE hoorde en luisterde. Hij wist dat hij er bij God zo toe deed dat hij mocht hopen op redding. Tegelijk is wel heel duidelijk dat als we de HEERE liefhebben, niet al het leed aan ons voorbij gaat. We zien hoe ongelofelijk diep het in deze psalm is gegaan voor de dichter.

 

Maar de vraag is wat we in die diepte doen, wat we geloven van Gods liefde voor ons en met welke verwachting we ons op God richten. Het roepen van de dichter werkte wat uit, maar het punt waarop hij uiteindelijk terecht kwam was verder dan wij zouden verwachten, terwijl hij God nog steeds liefheeft. Want als die liefde er is, dan kan God het toch niet zover laten komen dat je uiteindelijk uitgeteerd bent? Nou ja, blijkbaar wel. Zover ging het, en toch liet de psalmdichter God niet los. Je zou er toch toe geneigd zijn. Als dan alles mis lijkt te gaan en je God nergens opmerkt, laat God het dan maar bekijken, zou je bijna zeggen.

 

Liefde voor de HEERE begon bij het weten dat Hij luisterde en daarom begon hij te roepen. En ondertussen teerde hij uit. En maar roepen, en God maar liefhebben, maar toch steeds verder uitteren. Eigenlijk is deze psalmdichter toch gewoon een simpele ziel? Het is toch gewoon iemand die tegen alles in maar hoop dat het toch nog goed komt met zijn hopen op die God? En misschien is het dat ook wel en zijn we simpele zielen als we tegen beter weten in maar blijven hopen. In de ogen van de wereld om ons heen zullen ze je misschien nakijken en meewarig het hoofd schudden.

 

Maar degenen die zo, als een eenvoudige op de HEERE hopen en vertrouwen die zullen uiteindelijk zeggen en ervaren: Hij heeft mij verlost. Ondanks dat je weg heel diep en onmogelijk kan zijn, toch zal gelden: Hij heeft mij verlost. De banden van de dood, zal Jezus losmaken en daarom heb ik de HEERE lief met heel mijn hart. Je wijsheid mag je loslaten en er is slechts een manier: eenvoudig je hoop op de HEERE stellen. Hij zal instaan voor jouw recht, als jou onrecht wordt aangedaan, Hij zal je vrijmaken van elke band waarmee je gebonden bent omdat Jezus heeft overwonnen.

 

Gebed: U maakt mij vrij, u maakt mij vrij. Daarom aanbid ik U. Zelfs als ik de dood voor ogen heb, geloof ik dat U mij uiteindelijk zult verlossen. En zelfs als dit pas in de eeuwigheid is, dan ontvang toch alles!

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom