Dwars door de dood en toch geleid

 

"Al ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij." (Psalm 23:4)

 

Dat je soms niet kunt ervaren dat God heel dichtbij is en dat we ons dan toch in geloof mogen uitstrekken naar de waarheid dat God rust geeft als we dichtbij Hem blijven, is misschien nog wel te geloven, maar wat nu al het nog verder gaat? Want wat nu als je door een donker dal gaat? Dat is moeilijk! Als echt alles op de ondergang lijkt uit te lopen. David noemt het zelfs een dal vol schaduw van de dood. De dood laat zijn schaduw over je leven vallen.

David heeft momenten gehad dat hij werkelijk vreesde voor zijn leven. En wat nu als je werkelijk over het randje van de afgrond gaat? En zo over het randje dat je tegenstanders lachen omdat ze zien dat het bijna misgaat. Soms echt mensen die dat hopen, maar ook vaak satan die er plezier in heeft. En ik heb het al wat keren gehoord dat er dan gezegd werd: "dan moet je maar vertrouwen, hoor." Wat klinkt dat dan makkelijk.

 

En nu horen we David zeggen: "Ik zal niet bang zijn, want mijn Herder is met mij!" Hoe het ook gaat en waar mijn weg ook doorheen gaat, de HEERE, mijn Herder is erbij. Hij zal Zijn schaap ook in die omstandigheden niet alleen de weg laten gaan. Ik weet niet wat jij nu meemaakt, maar als jij Jezus volgt, dan ga jij nooit alleen en hoe dicht je bij Jezus bent, hoe sterker je zult ervaren dat je niet alleen op pad bent.

 

En het andere is de troost van Gods stok en staf. Een herder leidt zijn schapen met zijn stok en zijn staf. Dat leiden gaat soms wel met een tik om te corrigeren en de staf van de herder is nodig om een weg te banen, maar met die dingen is God wel aanwezig en baant Hij het pas en leidt Hij je. En die wetenschap, dat geloof, dat brengt de angst in David tot rust. De vertroosting die David hierin ervaart brengt de angst tot rust.

 

Eigenlijk weet David zo zeker dat God erbij zal zijn en dat verdwalen echt onmogelijk is. David heeft zijn hele vertrouwen op de leiding van God gezet. Soms kom je wel eens in omstandigheden die moeilijk zijn en waar je twijfelt hoe het zal gaan. Maar juist in die situaties weet David het zeker: Er is leiding! En niet zomaar leiding, maar volmaakte leiding. Niets in jouw leven gaat buiten Gods leiding om. Het is wel de vraag of jij je aan die leiding van God wil overgeven en daarnaar wil handelen. Maar waar je dit doet, dan zal niets je overkomen waarbij het God uit Zijn handen loopt.

 

Wat een troost als je hele leven onder Gods leiding ligt. Dan raak je wel eens wat kwijt, dan lijkt je leven wel eens minder mooi te zijn, maar jouw leven heeft juist dan een doel omdat God het leidt. Je leven is nooit doelloos als God de leiding mag nemen.

 

Gebed: HEERE, wijze Herder, als U mij leidt, dan weet ik zeker dat alles in mijn leven zal meewerken ten goede. Ik wil me zo graag, helemaal, laten leiden. Alle omstandigheden in mijn leven breng ik onder Uw leiding.

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Aanmelden 'Elke dag 5 minuten met God'

Wil je dagelijks de overdenkingen 'Elke dag 5 minuten met God' in je mailbox ontvangen? En als extra ook een opwekkingslied uit de rubriek 'Opwekking overdacht'?
Klik dan op deze link

Quote

God zegen over jouw plannen vragen is geen garantie voor zegen. God plan zoeken voor jouw leven is een garantie voor zegen.

Bijbelgedeelte 'Elke dag 5 minuten met God'

Onderstaand Bijbelgedeelte behoort bij de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

 

Klik hier voor de 'Elke dag 5 minuten met God' van vandaag.

  

Richteren 13

 

1 Maar de Israëlieten  deden opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom gaf de HEERE hen over in de hand van de Filistijnen, veertig jaar lang.
2 En er was een man uit Zora, uit het geslacht van de Danieten, en zijn naam was Manoach. Zijn vrouw was onvruchtbaar en had geen kinderen gebaard.
3 Toen verscheen er een Engel van de HEERE aan deze vrouw, en zei tegen haar: Zie toch, u bent onvruchtbaar en hebt geen kinderen gebaard. U zult echter zwanger worden en een zoon baren.
4 Welnu dan, wees toch op uw hoede dat u geen  wijn of sterkedrank drinkt, en eet niets onreins.
5 Want zie, u zult zwanger worden en een zoon baren.  En er mag geen scheermes op zijn hoofd komen. Want het jongetje zal van de moederschoot af als nazireeër aan God gewijd zijn, en hij zal beginnen Israël te verlossen uit de hand van de Filistijnen.
6 Toen ging deze vrouw naar binnen en zei tegen haar man: Een Man Gods kwam bij mij en Zijn uiterlijk was als het uiterlijk van een Engel van God, heel ontzagwekkend. Ik vroeg Hem niet waar Hij vandaan kwam, en Hij heeft mij Zijn Naam niet verteld. 
7 Maar Hij zei tegen mij: Zie, u zult zwanger worden en een zoon baren. Welnu, drink geen wijn of sterkedrank en eet niets onreins, want het jongetje zal van de moederschoot af tot op de dag van zijn dood als nazireeër aan God gewijd zijn.
8 Daarop bad Manoach de HEERE vurig en zei: Ach, Heere, laat de Man Gods Die U gezonden hebt, toch opnieuw naar ons toe komen om ons te leren wat wij met het jongetje dat geboren zal worden, moeten doen.
9 En God verhoorde de stem van Manoach, en de Engel van God kwam opnieuw naar de vrouw toe, terwijl zij in het veld zat, en haar man Manoach niet bij haar was.
10 Toen haastte de vrouw zich en snelde weg en vertelde het haar man. En zij zei tegen hem: Zie, de Man Die op die dag naar mij toe kwam, is mij verschenen.
11 Toen stond Manoach op en ging zijn vrouw achterna. En hij kwam bij die Man en zei tegen Hem: Bent U de Man Die tot deze vrouw gesproken heeft? En Hij zei: Ik ben het.
12 Toen zei Manoach: Welnu, laten Uw woorden uitkomen. Wat zal de leefwijze van het jongetje zijn, en wat zijn werk?
13 En de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Voor alles wat Ik de vrouw gezegd heb, moet zij op haar hoede zijn.
14 Zij mag niets eten wat van de wijnstok  afkomstig is. Wijn en sterkedrank mag zij niet drinken en evenmin mag zij ook maar iets onreins eten. Alles wat Ik haar geboden heb, moet zij in acht nemen.
15 Toen zei Manoach tegen de Engel van de HEERE: Laat ons U toch hier doen blijven en een geitenbokje voor U bereiden.
16 Maar de Engel van de HEERE zei tegen Manoach: Ook al doet u Mij hier blijven, Ik zal van uw brood niet eten. En als u een brandoffer wilt brengen, moet u dat aan de HEERE offeren. Manoach wist namelijk niet dat het een Engel van de HEERE was.
17 En Manoach zei tegen de Engel van de HEERE: Wat is Uw Naam? Dan kunnen wij U eren, wanneer Uw woord uitkomt.
18 Maar de Engel van de HEERE zei tegen hem: Waarom vraagt u zo naar Mijn Naam? Die is immers  wonderlijk!
19 Daarop nam Manoach een geitenbokje en het graanoffer, en offerde dit op de rots aan de HEERE. En terwijl Manoach en zijn vrouw toekeken, deed de Engel iets wonderlijks.
20 Het gebeurde namelijk, toen de vlam vanaf het altaar naar de hemel opsteeg, dat de Engel van de HEERE opsteeg in de vlam van het altaar. Toen Manoach en zijn vrouw dat zagen, wierpen zij zich met hun gezicht ter aarde.
21 En de Engel van de HEERE verscheen niet meer aan Manoach en aan zijn vrouw. Toen begreep Manoach dat het een Engel van de HEERE was geweest.
22 En Manoach zei tegen zijn vrouw: Wij zullen zeker  sterven, want wij hebben God gezien.
23 Maar zijn vrouw zei tegen hem: Als het de HEERE behaagd had ons te doden, had Hij het brandoffer en graanoffer van onze hand niet aangenomen en ons evenmin dit alles laten zien en ons nu ook niet iets als dit laten horen.
24 Daarna baarde deze vrouw een zoon en zij gaf hem de naam  Simson. Het jongetje werd groot en de HEERE zegende hem.
25 En de Geest van de HEERE begon hem aan te vuren in Mahane-Dan, tussen Zora en Esthaol.

www.eindeloosgelukkig.nl

Eindeloos gelukkig - Copyright © 2015. All Rights Reserved.

IBAN rekeningnummer: NL81 RABO 0301 9254 53 t.n.v. T.J.D. de Koning inzake 'Eindeloos gelukkig' te Nieuw-Lekkerland

Eindeloos gelukkig is financiëel geheel afhankelijk van giften. Elke gift is daarom van harte welkom